Archives

Deel II: Thuis is waar m’n rugzak op de zolder staat.

Daar is het dan plots. Het besef. Het is bijna tijd om naar huis te gaan.

Het vooruitzicht naar de hereniging met wie we lief hebben maakt dat m’n hart sneller klopt. Tegelijkertijd krimpt m’n maag elke dag een beetje meer, want thuis moeten we weer van 0 beginnen. Het thuisfront zullen we nu niet meer moeten missen, maar het continent dat een jaar onze ‘thuis’ was nu weer wel. Niet meer wakker worden, naar buiten lopen op blote voeten, met een jugo de piña ontbijten op het strand en op dezelfde plek de dag afsluiten met een coco loco en de mooiste zonsondergang. Of slapen in een tent, onder duizend-en-een sterren, op een harde en ijskoude ondergrond om vervolgens uren en uren bergop en bergaf te wandelen tussen de mooiste meren en gletsjers. Pas op, je hoort me niet klagen, want wakker worden in ons eigen bedje, in ons eigen huisje, warm douchen en kleren kiezen uit een grote kleerkast, het klinkt me momenteel als muziek in de oren. En daar heb je het weer; tranen en een lach, in slechts 1 alinea.
Story of my life. 

12 maanden, 365 dagen, 9 landen, 72 bussen, 27 vluchten, 23 boten, 136 bedjes en ontelbaar veel mooie herinneringen die ik voor altijd zal koesteren. We mochten mensen missen, mensen terugzien, nieuwe mensen ontmoeten en daar weer afscheid van nemen. We maakten kennis met nieuwe culturen, bezochten eindeloos veel mooie plekken en lieten daar waar we het liefste waren telkens een stukje van ons hart achter. We leerden onszelf en elkaar nog beter kennen, en wanneer Christophe me ten huwelijk vroeg kon ik dan ook volmondig ja zeggen en op een rose wolk verder reizen door Patagonië, Chili en Colombia. We doken in ons eigen hoofd, gingen soms kopje onder maar de ander stond steeds aan de zijlijn, klaar om in te springen wanneer in gevaar. We kwamen uiteindelijk steeds zelf op adem en gingen op de rem staan. Hier en nu, we leerden het belang ervan.

Geluk, is doen wat je graag doet.

Mensen thuis houden hun hart vast en waarschuwen ons dat we stilletjes aan maar weer met onze voetjes op de grond moeten gaan staan. Want het ‘Belgische leventje’ staat op ons te wachten en oh wat zal het ons varen.

De afgelopen weken waren als een rollercoaster. Zoals ik hierboven al schreef ging ik per dag wel drie keer van naar huis willen naar nooit meer naar huis willen. Ik kwam een tijdje geleden echter tot een belangrijke conclusie; Ja, wij zijn hier enorm gelukkig geweest. En ja, terugkeren naar België zal een hele ommekeer betekenen. Maar reizen zou ons niet eeuwig gelukkig kunnen blijven maken. We hebben ervoor gekozen om te gaan reizen, omdat dat hetgeen was wat voor ons gelijk stond aan geluk nastreven. Dromen waarmaken. Toen. Doelen en ambities zijn echter van veranderlijke aard en liggen nu voor ons beiden weer geheel anders.

Ik geloof er ook sterk in dat je als mens continu blijft veranderen, tenminste als je ervoor open staat. Tegenwoordig getuigt een CV met 10 verschillende job-ervaringen dan ook niet meer van niet volhardend, maar wel van evoluerende zelfkennis, nieuwsgierigheid, leergierigheid en vooral levenslustigheid.

We Zien Wel staat voor ultieme vrijheid, voor beslissen op het laatste moment en voor leven van dag tot dag. We zouden dus ook nog niet naar huis komen als we niet ‘klaar’ waren.

Klaar, in de breedste zin.

We hebben lang niet heel de wereld gezien, dus in die zin zijn we lang nog niet klaar. Wel zijn we er klaar voor, er klaar mee en is ons werk ‘klaar’.

Ik verklaar mezelf even nader. (Of doe althans een poging.)

Dat we er klaar voor zijn: De eerste twee maanden verslonden we boek na boek tegen een record tempo. Het gebeurt echter automatisch dat wanneer je hersenen meer tijd krijgen om alle dagdagelijkse prikkels te verwerken er ook meer ruimte gecreëerd wordt om creatief te gaan nadenken. Na enige tijd was er dan ook geen ruimte meer in mijn hoofd om nog romans te lezen. Er kwamen ideeën en ambities op de proppen waarvan ik voordien geen weet had en de 10 maanden nadien werden die ideetjes dan ook uitgewerkt en concreet gemaakt. Je kan je dus wel voorstellen dat we nu op hete kolen zitten en klaar zijn voor de uitvoeringsfase. (#cliffhanger)

Dat we er klaar mee zijn: Zuid-Amerika is… niet in woorden te omschrijven. Bijna overal zijn de mensen zo warm en hartelijk, niet te vergelijken met eender welke andere cultuur. Muziek stroomt door de straten en door de aderen van de mensen en het ritme van de Spaanse taal speelt daar perfect op in. Man, wat zullen we dat missen. Langs de andere kant staat Zuid-Amerika ook gelijk aan een ander tempo van leven en werken en een flexibiliteit die soms meer aanleunt naar een soort nalatigheid die wij thuis niet kennen. We kunnen er maar niet aan wennen en laten het ons eigen ook niet toe eraan te wennen en in die zin zijn we er soms ‘klaar mee’. Zonder afbreuk te willen doen aan deze geweldige Latino-cultuur. Iets tussen de Zuiderse en de Westerse mentaliteit, zou de allermooiste gulden middenweg zijn.

Ons werk is klaar: Pinterest – travel quotes – en je vindt er duizend-en-één over hoe reizen een effect op je heeft, hoe het je verandert, hoe je dingen anders leert zien en hoe je in het heden leert leven. Je denkt misschien, djeez… alsof reizen de ultieme oplossing is. Wel, voor sommigen is dat zo. Ik denk dat ik voor een stuk mezelf heb kunnen ontplooien, gegroeid ben als persoon en vooral in harmonie ben met mezelf. Geen zorgen, je zal er haast niets van merken. Ik ben niet veranderd, maar ik heb mezelf wél gevonden.

 Zet jezelf ook eens een keertje centraal.

Het ging ongetwijfeld wel eens door jullie hoofd; ‘Worden die dat nu nooit beu, zo heel der dagen op het strand liggen en niets doen?’ Het antwoord is heel simpel: neen. En ik raad het ieder van jullie aan om het ook eens te proberen. Sta jezelf eens toe niets te doen en je zal snel beseffen hoe nuttig nutteloze dingen kunnen zijn.

In de maatschappij waarin wij leven draait heel veel om wat iets opbrengt en drukken we alles graag uit in cijfers. Kwaliteit staat gelijk aan cijfers. Een job brengt x-aantal centen op, een opdracht wordt op x-aantal dagen volbracht, een afstand lopen doe je op x-aantal minuten, …

Om dus aan de man te brengen wat onze reis heeft opgebracht zou ik het cijfermatig moeten kunnen omzetten in rendabiliteit. En dat is moeilijk voor iets wat niet meetbaar is. Kijk nu naar je ouders of naar jezelf als kind bijvoorbeeld… Ooit al eens iemand horen zeggen ‘wel, mijn moeder is toch wel 90% rendabel geweest’? My point exactly… Op emotionele zaken valt geen ROI te plakken en toch zijn juist die van grote waarde. Dus, zoals Elisa Hulstaert het zo mooi verwoordt; ’nutteloosheid rendeert’. Ga reizen en verwerf mensenkennis, leer relativeren, leer dingen vanuit een ander perspectief te bekijken en verleg de grenzen van je geduld. Leer jezelf zijn bij volkomen onbekenden en ontdek dat dat juist zo gemakkelijk gaat omdat ze volkomen onbekend zijn. Besef dat daar iets niet klopt en trek de lijn door naar huis; you either love me or hate me. Leer een nieuwe taal te beheersen, ontdek dat je zelfs met andere uitersten gemeenschappelijke interesses kan hebben, leer de natuur te respecteren voor wat zij ons te bieden heeft, ontdek waar je echte interesses liggen, kom tot het besef dat je alles binnen handbereik hebt om gelukkig te worden en stap weg van de angst die je tegenhoudt om te doen wat je graag doet.

Hier heb ik het nu over reizen en alles wat daar betrekking tot heeft, maar al bovenstaande zaken zijn zeker ook van toepassing op het dagdagelijkse leven. Ik geloof dat we het moeten benutten dat wij als mens de kans krijgen om vrijwillig te reizen. Het is tenslotte wanneer je buiten je comfortzone treedt en je even alle zekerheden laat gaan, dat je overstelpt wordt met nieuwe dingen en verrast wordt. En dat mensen echt eens tijd voor zichzelf nemen tijdens deze periode maakt van reizen een prioriteit. Maar ook thuis, in je eigen woonkamer zou je ruimte moeten maken voor ‘lekker niets doen’. Staar eens uit het raam, lees een boek, maak een lijstje van wat jou gelukkig maakt, ga wandelen, knutsel, schrijf, teken, of luister gewoon naar kei goede muziek. Dat staat bij deze ook meteen op onze to-do lijst.

Carpe that diem.

Mijn grootste angst was altijd, en is nog steeds, om op een dag wakker te worden en te beseffen dat ik geen voldoening haal uit wat ik doe en dat het te laat is om alles nog te doen en te zien. In deel 1 van ‘thuis is waar m’n rugzak staat’ schreef ik het al; je leeft maar één keer. Dus ik vind: doe het goed, doe het graag, doe het voor jezelf, doe het zodat een ander er beter van wordt en doe het nu.

En als je dat niet gelooft, dan maak ik je wel wat anders wijs 😉

From close to home, with love.

Camille

Archives

Peru, je stal m’n hart en mag het houden ook.

Peru in 6 weken en 11 stops.

De allerliefste mensen, warme kleuren, heerlijk eten, prachtige natuur, wereldwonderen, helderblauwe meren, spirituele ceremonies, eindeloze zandduinen, … Dat is Peru voor ons.

Nadat onze vrienden ons in Bolivia achterlaten, besluiten we dat het voor ons ook maar tijd wordt om te verhuizen. Nieuw land, nieuwe start. En wat voor een. Vanaf minuut 1 steelt Peru mijn hart en na 6 weken laat ik er dan ook een stukje achter. Ik weet dat het voor de meesten heel moeilijk is om een favoriet land te kiezen, maar voor mij is Peru tot hiertoe duidelijk de koploper. Emotioneel gezien dan toch, want op andere gebieden komt Argentinië gevaarlijk dichtbij.

We hebben 6 weken om het land te zien en reizen in die tijd van Cusco in het Zuid-Oosten naar Mancora in het Noord-Westen.

1: De Inca’s hippe hoofdstad – Cuzco

Cuzco is voor ons meteen een schot in de roos. Hoe kan het ook anders, met een plantbased risotto als eerste maaltijd en een wel heel warme bediening tegenover wat je in Bolivia soms te verduren krijgt. Wanneer we op verkenning gaan, merken we al snel dat het centrum bezet wordt door masseuses die 24/24 hun verkoopspraatje afsteken, reisagenten die tours willen verkopen, vrouwen die lopen te leuren voor op de foto te gaan met hun baby-lama, enz. Het rustigere, maar erg hippe San Blas wordt dus al snel onze favoriete wijk om in rond te dolen en de meest hemelse plantbased restaurantjes uit te testen. (zie hier)

In totaal verblijven we twee weken in Cuzco en vullen we onze tijd voornamelijk op met ons Green Point projectje, eten en drinken (surprise, surprise), marktjes en winkeltjes afschuimen, … Samen met onze Belgische vrienden pikken we even een wereldwonder mee en gaan we nadien met de auto op zoek naar een berg die we nooit vinden. Om af te sluiten nemen Christophe en ik deel aan een rituele Peruviaanse ceremonie die ongetwijfeld een enorme invloed op mij uitoefent sindsdien.

Een aantal dingen die je in en rond Cuzco niet mag missen:

  • Macchu Pichu: Uiteraard. Meer info vind je in ons artikel hierover
  • De allerbeste plantbased hotspots (zie hier)
  • San Pedro markt: voor je inkopen ga je niet naar de supermarkt maar kom je naar hier, alsook voor een lekker sapje en wie weet ook nog een souveniertje
  • Plaza de Armas: hét centrale plein van Cuzco en het perfecte uitgangspunt voor je ontdekkingstocht door deze geweldige stad. De kathedraal en de Iglesia de la Compañía de Jesus kan je uiteraard ook niet missen hier.
  • Sacsaywamán: een oude Inca-site op 45 minuten wandelen van het centrum. Je kan de bus naar boven nemen en dan langs de ruïes weer naar beneden wandelen.
  • San Blas: stijle kasseiweggetjes boordevol artisanale winkeltjes, restaurantjes, …
  • Pisac: het walhalla voor al wie van juwelen, kussenslopen, tapijten, handtassen, … houdt. Hier moet je dus met andere woorden zijn om Peru een beetje mee naar huis te nemen.
  • Rainbow Mountain: een berg die is opgedeeld in wel 7 verschillende kleuren. Je kan een daguitstap doen met de bus vanuit Cuzco en dat lijkt me dan ook de veiligste optie. Wij huurden een auto en geraakten er jammer genoeg niet. (#epicfail)

2: Arequipa

Een charmante stad waarvan je het centrum op een dag verkent en van waar de meesten hun tocht naar de Colca Canyon starten. Een bezoek aan het oude klooster is er eentje waarvan je maanden na datum nog op ieders instagram foto’s ziet terugkeren en is dus zeker niet te missen voor al wie van Provencaals-gekleurde binnentuintjes houdt. Voor een originele aperitief ga je naar het pisco museum of probeer je een plekje te bemachtigen op een van de dakterrassen die een uniek zicht bieden op de kathedraal en op vulkaan El Misti tijdens zonsondergang. Voor al wie niet uitsluitend vegan eet, is ook Arequipa een gastronomische koploper, met haar vele picanteriás waar je terecht kan voor lokale specialiteiten zoals spicy gevulde pepers, aardappelen in een pikante romige saus, …

3: Colca Canyon

Je kan maar best iets of wat in conditie zijn om de vallei van de Colca Canyon in te trekken. In Arequipa kan je alle mogelijke begeleide tours boeken, of boek je gewoon transport zodat je de tour op jezelf kan doen. Samen met twee Belgische vrienden die we in Arequipa tegenkwamen, waagden we ons aan een tweedaagse trektocht; dag 1 zagen we een hoop Condors van heel dichtbij en geraakten we na ettelijke uren dalen en klimmen in de oase en dag 2 waagden we ons aan een stevige klim van 1,5 km (in hoogteverschil). Pittig, maar enorm indrukwekkend.

4,5,6: Ica, Huacachina & Paracas

Omdat er net iets meer slaapmogelijkheden waren, besloten we in Ica te overnachten en van hieruit daguitstappen te doen naar Huacachina en Paracas.

Huacachina is een dorp, gebouwd bij een oase en omgeven door eindeloze zandduinen. Het is er enorm gericht op het toerisme en biedt de mogelijkheid om met een buggy (of te voet) de duinen te beklimmen en op een bord af te sleeën. Als je er bent, doe je er uiteraard aan mee, maar een van m’n favoriete activiteiten was het zeker niet. Geen enkele activiteit waar ik blauwe plekken aan overhoud trouwens. De zonsondergang is er wél een van de mooiere, bovenop een duin, op het oranje gekleurde zand.

Voor de kust van Paracas vind je de Islas Ballestas, ook wel het kleine Galapagos genoemd, waar veel verschillende vogelsoorten zich huisvesten en ook zeeleeuwen en pinguïns. Een boottocht gidst je langs deze eilandengroep, zodat je de vogels en andere dieren van dichtbij kan bewonderen. Gezien de Jan-van-gent (lees; dit is een soort zeevogel dat hier talrijk aanwezig is) al eens graag iets uit de lucht laat vallen, ben je goed af met een hoofddeksel tijdens de tocht.

Het tweede deel van onze uitstap brengt ons naar het natuurpark Paracas, waar we verschillende baaien bezoeken, een fotoshoot houden en gaan lunchen in een klein vissersdorpje. Omdat we de vissers zien aankomen met hun bescheiden vangst van de dag, besluiten we eens een uitzondering te maken en de échte Peruviaanse ceviche een kans te geven. Lekker, heel lekker! (Al is de vegan versie van Green Point nog steeds de beste)

Kleine ps: kort hierna werd Christophe zijn rugzak gestolen met, jawel, zijn camera, verschillende lenzen, laptop, paspoort, … De meeste foto’s van deze mooie uitstap hebben we dus niet meer. (Gelukkig deden we enkele dagen ervoor nog een back-up en hebben we alle andere foto’s nog wel)

7: Lima

Zoek op Lima en je vindt honderden blogposts over de beste restaurants in deze culinaire hoofdstad. Wij staan graag tussen deze lijst van blogs en trekken er dus op uit om enkel en alleen te eten. Dat we de lokale specialiteiten moeten overslagen vinden we niet zo erg, want alleen het hippere Miraflores al biedt enorm veel plantbased opties. En niet van de minste. Onze ontdekkingen hebben we mooi opgelijst in een apart artikeltje. (zie hier)

Dat we hier enkel en alleen aten is echt niet gelogen en voor verdere info over Lima moet je dus niet bij ons zijn.

8: Huaraz

Goed, dan zijn we nu beland bij het deel waarin ik jullie vertel dat je Peru niet mag combineren met Bolivia en dat je zéker je tijd nodig hebt voor enkel Peru. Trek je immers een beetje (veel) verder naar het Noord-Westen, dan kom je in Huaraz, een van de allermooiste berggebieden ter wereld. We deden hier een 4-daagse trektocht, waarover je hier een uitgebreid verslag kan lezen.

9, 10: Truijillo & Huanchaco

Als je hier al bent geraakt, ben je zonder enige twijfel net zoals wij verliefd geworden op Peru en ben je er met geen stokken weg te krijgen. We zagen steden, bergen, duinen, zeeleeuwen, vogels, canyons, Machu Picchu en helderblauwe meren en alsof dat nog niet volstaat, worden we nu ook nog op strand getrakteerd. Trujillo en Huanchaco dienen eerder als tussenstop vooraleer we verder trekken naar Mancora, maar we scoren in Trujillo nog wel een van de gezelligste veggie adresjes en in Huanchaco kunnen we al wat uitwaaien tijdens een wandeling over de dijk.

11: Mancora

Voor Christophe zijn verjaardag en omdat we onszelf afentoe eens een ‘folieke’ gunnen, huren we voor een week een bungalow vlak aan het strand, iets buiten het centrum van Mancora. Onze dagverse groentjes worden geleverd door de lokale foodtruck/brommer, dus koken doen we voornamelijk zelf en eten doen we aan het zwembad of op ons terrasje. Het wordt hoe langer hoe meer duidelijk dat we aan het strand op ons opperbest zijn. #beachbound

Rond zonsondergang maken we een paar keer een strandwandeling naar, of nog verder weg van het centrum. Jammer genoeg komen we elke keer tot de constatatie dat er hier jammer genoeg iets niet pluis is, wanneer we op die paar honderden meters aangespoelde zeeschildpadden, zeeleeuwen, dolfijnen, vogels en zelfs zeepaardjes aantreffen. Later komen we dan ook te weten dat de vissers deze dieren vergiftigen zodat ze zeker niet met hun (volgens hen welverdiende) vis gaan lopen. Onze paradijselijke bubbel wordt dus even doorprikt en maakt plaats voor onbegrip en plaatsvervangende schaamte.

Na 6 heerlijke weken maken we onze weg terug naar Lima, waar we ons nog even laten gaan met onze voeten onder tafel om vervolgens het vliegtuig op te stappen naar Brazilië.

We zien je dus zo wel weer, but first; we have a plane to catch!

Archives

Bariloche – het Zwitserland van Zuid-Amerika

Na een busrit van welgeteld 24 uur, komen we aan in de terminal van San Carlos de Bariloche. Deze, door helderblauwe meren en besneeuwde bergtoppen omgeven stad, ligt in het midden van het nationaal park Nahuel Haupi en wordt ook wel het Zwitserland van Argentinië genoemd. Van half juni tot half oktober is dit het winterwonderland voor de skiërs en snowboarders en tijdens de zomermaanden nemen de wandelaars en fietsers het van hen over.

Over de uitdrukking dat je nooit een tweede kans krijgt om een eerste indruk te maken, hoeft Bariloche zich dus al geen zorgen te maken. Als dit is wat Patagonië is, dan zijn wij twee gelukkige mensen.

Een heel vriendelijke taxichauffeur brengt ons naar Alaska, een hostel die ook weer de typische looks van een charmante Zwitserse chalet uitstraalt. Het skiseizoen werd nog maar enkele weken geleden afgesloten en je voelt de typische sfeer die er op een skireis hangt nog rustig uitdobberen.

Bariloche legt, als eerste kennismaking met Patagonië, de lat meteen al erg hoog. Naast de Zwitserse charme konden we ons al opwarmen tijdens enkele eerste wandelingen in de prachtige natuur en genoten we al met volle teugen van de frisse lucht, een heerlijke zonnetje, meren, bergen, …

Hieronder onze 3 favoriete activiteiten:

↠ Circuito Chico:

Een wandeling van ongeveer 12 km, met panoramische zichten over Lago Nahuel Huapi, Lago Moreno en hun prachtige omliggende bergen.

De wandeling bestaat uit 2 delen die met elkaar verbonden zijn. Om er aan te beginnen neem je bus 20 (of de auto, als je die hebt) richting Llao llao. Stap af aan de laatste halte: Puerto Pañuelo. Nadien wandel je een 800 meter op de geasfalteerde weg tot aan het begin van de Sendero de los Arrayanes.

Het eerste stukje loopt door het bos en langs Lago Moreno en meteen word je al ondergedompeld in de zalige rust die de natuur draagt. Onderweg zijn er een 2-tal stops die je een prachtig uitzicht geven op Lago Moreno: Playa Moreno en Mirador Lago Moreno. Loop je daarna nog wat verder, dan kom je terug op de geasfalteerde weg. Links vind je na 500 meter, aan je rechterkant, een andere sendero vanaf waar je verder kan wandelen. Zo geraak je tot aan Lago Escondido, een ware oase van rust. Van hieruit kan je nog wat verder wandelen tot aan drie kleine strandjes; Bahias de los Troncos, die vermoedelijk hun naam hebben gekregen vanwege alle aangespoelde dode boomstammen die er liggen. Best indrukwekkend!

Nadien loop je terug langs de Lago Escondido en verder richting Mirador Tacul. Een half uurtje klimmen belooft een uitgestrekt zicht over Lago Nahuel Huapi dat je enkel moet delen met de vogeltjes rondom.

Weer wat verder kom je terecht op Playa Villa Tacul en nadien rest je nog een half wandelen (en een klein stukje te stijgen) alvorens je opnieuw de geasfalteerde weg bereikt.

Wij gingen als afsluiter van deze wandeling nog iets drinken in het prachtige Llao Llao Hotel om nadien de bus terug te nemen richting centrum.

↠ Cascada los duendes & mirador lago gutierrez

Lago Gutierrez is een prachtig meer dat zeker de moeite is om te bezoeken. Bus 50 richting westen en afstappen aan de eindhalte. Van hieruit wandel je ongeveer 2km langs de weg richting een camping. Eens je deze bereikt hebt, begint aan de rechterkant een wandeling van ongeveer 20 minuutjes richting de Cascada los Duendes. Ongeveer halfweg kan je ook de afslag naar de Mirador nemen. Een stijgende wandeling van 45 minuten, maar wat een beloning.

Aan de lago zelf kan je ook kayak’s huren, wanneer de wind het toelaat.

↠ Colonia Suiza

De wind maakte dat het voor ons niet mogelijk was te kayakken op Lago Gutierrez. Dan maar de bus op richting Colonia Suiza, een kleine zwitserse nederzetting waar je elke woensdag en zondag kan rondkuieren op een artisanale markt. Indien je je met het openbaar vervoer verplaatst neem je bus 20 tot aan de splitsing voor Colonia Suiza (de chauffeur zal het wel duidelijk maken). Hier kan je ofwel een fiets huren (ongeveer 320 peso per dag, afhankelijk van de periode) ofwel bus 10 nemen tot aan colonia suiza. De bus rijdt om het uur, dus het kan wel zijn dat je even moet wachten.

Archives

We Zien Wel heeft de smaak te pakken

Where there’s food, there is us.

En jawel, tegenwoordig zijn wij te vinden waar er plantbased gerechten op de kaart staan. Dit wil zeggen dat we het gebruik van dierlijke producten vermijden (zeg nooit nooit) en alternatieven zoeken in plantaardige voeding.

Aan zij die het nu al in Keulen horen donderen… No worries, ik wil jullie hoogstens een beetje proberen prikkelen…

In elk geval, het afscheid van de geliefde préparé werd dus op 24 februari, nu 7 maanden geleden, permanent. En geloof mij, ik begon 6 maanden geleden al aan dit artikel en toen schreef ik die ‘geliefde préparé’ nog met pijn in het hart, nu doe ik dat met een gefronst voorhoofd.

Plantbased versus Vegan.

Straight edge, fastfood vegan, fully vegan, whole-food plantbased, flexiveganist, … Het zijn termen die je tegenwoordig in het rond ziet vliegen, maar wat is nu het eigenlijke verschil?

De veganist: eet geen dierlijke producten en eet enkel plantaardige producten, vaak vanuit ethische overwegingen. Zijn eetpatroon is slechts een onderdeel van zijn levensstijl, want hij zal ook geen leer dragen of cosmetica gebruiken die op dieren werden getest.

De planteneter: eet geen dierlijke producten en eet enkel (of voornamelijk) plantaardige producten, vaak vanuit gezondheidsoverwegingen. Hij past dus niet noodzakelijk heel zijn levensstijl aan.

Hoewel ik, wanneer deze mascara op is, een zal zoeken die niet op dieren werd getest en je me nooit of te nimmer met bont zal zien rondlopen, houden we het voorlopig op plantbased en niet vegan. Al geloof ik wel dat we daar stapsgewijs ooit zullen geraken.

Is dat niet moeilijk, daar in Zuid-Amerika?

Niet zo voor de hand liggend zou je denken hier, maar het tegendeel is waar! In de meeste stadjes en zelfs op de kleinste eilandjes in Nicaragua, vonden we een paar super leuke adresjes waar we terecht konden. Ook in Bolivia slaagden we er verrassend goed in om heel wat leuke adresjes te scoren en gelukkig voor ons viel het planten eten ook bij de rest van de groep in de smaak. In La Paz werd ik voor mijn verjaardag zelfs getrakteerd op een lunch bij een van de beste veganistische resto’s in Bolivia. Peru, of althans Cusco & Lima, spanden tot hiertoe de kroon in het aanbieden van vegetarische/veganistische opties. Voor foodies is het werkelijk een walhallah. In Brazilië is het iets minder vanzelfsprekend dat er vegan opties worden aangeboden, behalve in São Paulo. Daar hielden we het dus op 100% vegetarisch en 98% plantbased, want ja… af en toe bezwijk je wel eens voor een kazeke. Hier in Buenos Aires kunnen we dan weer doen wat we het liefste doen; op zoek gaan naar de leukste (veggie) adresjes.

Over de streep

Vanwaar we deze beslissing hebben genomen? Het boek ‘the China study‘ – over de relatie tussen (on)gezondheid en al dan niet dierlijke producten – trok ons na 5 pagina’s al over de streep. Ook de niet-zo-zeer-hygiënische slagerijen langs de weg, onze liefde voor diertjes, een tweede boek (Eat to live) én onze ontmoeting met Fabricio, de eigenaar van restaurant Green Point hadden een sterke invloed. In België beperkten we onze vleesconsumptie ook al wel sinds een jaar ongeveer, maar de pogingen die we ondernamen om echt volledig vegetarisch te eten faalden toch elke keer. Redenen genoeg dus om deze keer door te zetten. En we hebben het ons nog geen moment beklaagd. Na amper 3 weken merkten we al dat we geen uur meer nodig hadden om te verteren en dat zelfs onze hardnekkige vetjes het stilaan begonnen te begeven. Hooray for the wholefoods!

10 redenen waarom we het zo leuk vinden

1. Allereerst voelen we ons super goed, gezond en energiek.

2. Door ons erover te informeren, voelt het nu als een slimme en een logische keuze omdat het bijdraagt aan zoveel verschillende aspecten (gezondheid, milieu, dierenleed,…). Op deze manier kunnen wij ons steentje bijdragen, door minder afval te produceren en minder water te verbruiken.

3. We voelen ons voldaan door voedzaam te eten en we worden niet meer overvallen door het gevoel dat we even willen gaan liggen zoals na een bord lege calorieën.

4. Je leert creatief uit de hoek komen in de keuken: je ontdekt nieuwe gerechten en leert klassieke gerechten te herdenken.

5. Voeding staat centraal in ons leven en daarom is het leuk om dit onderwerp in vraag te stellen en er met anderen over te discussiëren. We zijn al mensen tegen gekomen met dezelfde interesse en dat werkt altijd super motiverend, maar we zijn even goed mensen tegengekomen die totaal niet met dit soort zaken bezig zijn en die hebben we meestal wel wat kunnen ‘bijleren’, wat een enorme voldoening geeft.

6. Het is gewoon super lekker.

7. Je ontdekt al snel dat het niet draait om wat je niet mag eten, maar om alles wat je wél mag eten én in overvloed (zie afbeelding hieronder).

8. Gezonde plantaardige voeding is zelden processed en dat leert ons weer wat meer over de oorsprong van onze voeding, iets waar onze generatie zich tegenwoordig nog maar weinig van bewust is.

9. Gezonde voeding is iets dat me al altijd geboeid heeft en het is zo leuk om er meer over te weten te komen. Dat maakt ook dat ik in het verleden nooit een dieet kon volhouden en ik, hoewel ik nu bepaalde dingen “moet” weglaten, het echt eerder als een verrijking zie en niet als iets dat me verboden wordt.

10. We zijn allebei al wel wat kilo’s verloren en dat brengt ons weer bij punt 1; we voelen ons goed.

We Zien Wel meets Green Point

Op aanraden van velen, gingen we in Peru lunchen bij Green Point, een van de populairste (veganistische) resto’s in Cusco. Mensen van over de hele wereld kennen het en komen er naartoe, en terecht. Hier iets kiezen uit de menukaart is echt onbegonnen werk. Vermits een van onze grote passies zich in de keuken bevindt en we heel graag wilden leren klaarmaken wat zij hier op de kaart hebben staan, sprak het ons enorm aan om een kookles te volgen in hun schooltje.

We reizen natuurlijk met een beperkt budget en dus stelden we de vraag of er een samenwerking mogelijk was. Al snel was het in kannen en kruiken: wij zouden foto’s en een filmpje maken voor hun nieuwe website en in ruil kregen wij een kookles, mochten we deel uitmaken van een spirituele ervaring én kregen we lekker eten, heel de week lang.

De kookles was om het kort samen te vatten een ‘eye-opener’, en zowat een van de beste ervaringen tot hiertoe. Het is ongelooflijk hoe je basis-ingredienten kan vervangen door een plantaardig alternatief. Een alternatief voor de klassieke bechamelsaus werd al snel in elkaar geflanst door onder andere look, ajuin, brazilnoten, bruine rijst, witte wijn en kokosmelk te combineren. Ook bleek deeg super gemakkelijk klaar te maken zonder eieren. Gewoon wat kurkuma in de plaats en je bent vertrokken.

Wat we hiermee hopen te bereiken

In de eerste plaats is het iets wat we voor onszelf doen. We hebben er zelf voor gekozen om over te schakelen op deze levensstijl, voor onze eigen gezondheid. Natuurlijk is het leuk als er mensen mee op de kar springen en het prikkelt dan ook om mensen aan te moedigen. Ikzelf houd niet van extremen en hou er bovendien niet van om mezelf dingen te verbieden, daarom sluit ik ook niets uit. Als ik morgen zin heb in pizza, dan eet ik pizza, met kaas, so be it. Ik wil dus ook zeker niet beweren dat iedereen vegan of planteneter moet worden. Het zou volgens ons al heel veel veranderen als mensen weer bewuster gaan eten en ook bewuster met hun lichaam en onze omgeving omgaan.

Ook al krijg je in het begin best veel tegenwind, doordat mensen het gevoel hebben dat je aan hun tradities zit, is het opvallend hoeveel mensen er ergens wel mee bezig zijn. Ik geloof er dus sterk in dat de plantbased levensstijl ook in België en andere landen hoe langer hoe meer mainstream gaat worden. Plantbased is niet meer geitenwollensokken, het is trendy en in Berlijn, Californië en Nederland bijvoorbeeld al volop verkrijgbaar. Als de plantbased trend zich tenslotte verspreidt, krijg je meer alternatieven en hoe meer alternatieven er komen hoe minder mensen geneigd zullen zijn naar dierlijke producten te grijpen.

Ten slotte (of eigenlijk ten eerste) is de grote droom om ooit een eigen plantbased zaakje te kunnen openen. Dan kunnen jullie gewoon zelf komen proeven en oordelen. Keep you posted on that one!

Waar kan je er meer over te weten komen?

Boeken:

↠ The China study – T. Colin Campbell: de meest uitgebreide en onderbouwde studie over de relatie tussen dierlijke producten en (on)gezondheid

↠ Eat to live – Joel Fuhrman: over een voedingsrijk programma dat snel en blijvend gewichtsverlies garandeert

↠ Vegan for life – Jack Norris: introductie tot het plantbased dieet en hoe eraan te beginnen

↠ Ik ben een planteneter, net als jij – Boele Ytsma: een luchtige poging om iedereen te inspireren tot een plantaardige levensstijl

↠ Vegan for her – Virginia Messina: over de gezondheidsvoordelen van een vegan dieet voor vrouwen

↠ Mainstreet vegan – Victoria Moran: een praktische gids om vegan te worden, voor iedereen

Kookboeken:

↠ Oh she glows every day – Angela Liddon

↠  The kind diet – Alicia Silverstone

↠  Superfood kitchen – Julie Morris

↠  The blender girl – Tess Masters

↠  De vegarevolutie – Lisa Steltenpool

↠  Thug kitchen – Matt Holloway

↠  Nom yourself – Mary Mattern

↠  But I could never go vegan – Kristy Turner

↠  Plant Power – Nava Atlas

↠  Chloe’s Kitchen – Chloe Coscarelli

Blogs/websites

↠  Lisa Steltenpool

↠  De groene meisjes

↠  Oh she glows

↠  Eat with andy

↠  The vegan reset

↠  This rawsome vegan life

↠ Of natuurlijk ook mijn eigen instagram pagina: Beetsnroots

Documentaires:

↠  Cowspiracy: over de impact van de vleesindustrie op het milieu

↠  Forks over knives: over de relatie tussen gezondheid en voeding

↠  Earthlings: verborgen camera’s laten zien hoe dieren behandeld worden in de vleesindustrie

↠  Vegucated: 3 New Yorkers willen 6 weken vegan gaan voor hun gezondheid en worden zich gaandeweg bewust van de waarheid  achter de vleesindustrie

↠  Live and let live: over slagers en boeren die vegan werden

Archives

Bolivia in 30 dagen en 12 stops

Steden tussen de bergtoppen, pampa’s, immense zoutvlaktes, enorme hoogteverschillen, traditionele klederdracht, ellenlange busritten, kleurrijke markten en een eindeloze diversiteit aan natuur. Dat is Bolivia voor ons. 

Heel veel mensen bezoeken dit land in combinatie met Peru en gebruiken La Paz als uitgangspunt om verschillende excursies te doen. Wij pakten het iets anders aan. Samen met nog 5 andere vrienden vertrokken we in Santa Cruz en reisden we in 30 dagen van Zuid-Oost naar Noord-West Bolivia. 

Het heilig kruis van de heuvels – Santa Cruz

Zelf spendeerden we 5 dagen in deze stad, omdat 2 van de 5 vrienden hier al waren en de andere 3 enkele dagen later zouden toekomen. Deze, toch wel grote stad (de grootste van Bolivia) is volgens ons geen must als je tijd beperkt is en de route niet meteen hiertoe leidt. Moet je er toch sowieso langs, laat je dan verrassen door het koloniale gevoel dat hier heerst en laat je heen en weer slingeren tussen modernisme en traditie.

In de overdekte tuin van biocentro Guembe kan je onwerkelijk mooie papegaaien en toekans van dichtbij bewonderen en met een beetje geluk komen ze zelfs op je schouder zitten. Ook de vlindertuin is in het juiste seizoen de moeite en aan de (15) natuurlijke zwembaden kan je op een mooie dag wel wat uurtjes relaxen. Ook uitstappen naar Amboro national park of Pantanal zijn gemakkelijk te boeken van hieruit en verder is het best een leuke ervaring om een kroeg binnen te lopen en een pintje te drinken met mensen die nog nooit eerder een blanke zagen. Bereid je dan wel even voor op minder tanden dan mensen aanwezig en een gezonden portie ‘gewoon ja knikken’.

Rust in het hoogland – Samaipata

Een klein, oud dorpje waar de lokale bevolking je misschien niet meteen het allerwarmste welkom heet, maar waar een echte hippie-cultuur heerst onder de buitenlanders die zich hier gesetteld hebben. Hoewel het niet meteen op de weg ligt, is Samaipata de laatste jaren hoe langer hoe meer een top gringo-trail spot geworden. Tijdens de weekends wordt het ook door ‘cruceños’ (bewoners van Santa Cruz) drukbezocht. In het stadscentrum word je verrast door een aantal enorm leuke restaurantjes en barretjes en een bezoek aan de marktjes mag ook niet ontbreken. Slapen kan je doen op een van de vele finca’s: domeinen met huisjes waar je heerlijk tot rust kan komen. Wij verbleven bij ‘La Vispera’, het domein van een Nederlands koppel. In hun theehuisje (Garden Café) kan je lekker lunchen met allemaal producten uit hun eigen tuin én we hebben zelfs op een dag hun oude houtoven mogen gebruiken om pizza’s te maken. Samaipata is tevens een populaire bestemming om van hieruit uitstappen te doen naar de oude Inca-site in El Fuerte of naar Amboro National park, waar wij een eerste indruk opdeden van de waanzinnig mooie natuur in Bolivia.

Het kloppend hart en het paradepaardje van Bolivia – Sucre

Sucre is zo een van die steden waarvan je denkt ‘hier zou ik best wel kunnen wonen’. Een bruisende stad, waar de geschiedenis door de straten waait en waar er altijd wel iets gaande is. De stad wordt beschreven als de mooiste van heel Bolivia en wordt vaak vergeleken met Sevilla, door haar koloniale architectuur en witte gebouwen met charmante binnentuintjes. Ben je er in het weekend dan is een van de grote markten een absolute must-do. Ook door de week is de overdekte markt the place to be voor sapjes, inkopen of een goedkope lunch. Onze hostel bood een citytour aan die je op 2 uur door de geschiedenis van de stad loodst. Een aangename manier om de stad te leren kennen (en je steunt een goed doel)! Slaag een bezoek aan café mirador zeker niet over om te genieten van de zon, het uitzicht en een lekkere kan sangria.

De hoogste stad ter wereld – Potosí

Wat Potosí betreft kan je beter niet te veel rekening houden met onze ervaring. We zouden hier normaalgezien een hele namiddag doorgebracht hebben, maar het verkeer besliste daar anders over. De luttele 3 uur die we hier dus uiteindelijk spendeerden, brachten we door op café waar we een poging deden wat op krachten te komen nadat de hoogte ons recht in het gezicht mepte. (Je zit hier op maar liefst 4090 meter)

Potosí ‘dankt’ zijn ontstaan aan het zilvererts dat hier ontdekt werd en dat in grote hoeveelheden als zilver naar Spanje werd verscheept. In die tijden was het dan ook een van de rijkste steden van Zuid-Amerika. Wanneer de mijnen echter uitgeput geraakten zakte de economie in elkaar. Vandaag de dag teert de stad op het ontginnen en exporteren van lood, zink en zilver en verdienen de mijnwerkers een centje bij door toeristen rond te leiden in de mijnen. (lees: toeristen poseren hier met mijnwerkers die in erbarmelijke omstandigheden werken en leven en nog amper de 30 halen)

Wijntje proeven – Tarija

Een leuke tussenstop voor wie van wijn houdt en voor wie graag een van de beste hostels van Bolivia uitprobeert. Naast deze twee leuke activiteiten valt hier niet veel spectaculairs te beleven.

Wicky wicky wild wild west – Tupiza

Welkom in Tupiza, het wilde westen van Bolivia. Spring hier op een paard (no worries als je geen ervaring hebt, paarden rijden hier op automatische piloot) en laat je meevoeren tussen de rode rotsen en de cactussen. We boekten hier met Tupiza Tours onze 4-daagde excursie naar de zoutvlaktes van Uyuni omdat we voordien al vernomen hadden dat dat goedkoper was. Niet alleen is het goedkoper, je bewaart het uiteindelijke hoogtepunt ook voor het einde, wat volgens ons echt een enorm pluspunt is.

Het Mars van Bolivia – Salar de Uyuni

De 4-daagse tour van de zoutvlaktes en alles daaromheen behoort zonder enige twijfel tot de top 3 mooiste dingen die we ooit al hebben gezien. In mijn dagboekverslag kan je een uitgebreide beschrijving vinden van deze waanzinnige excursie.

Uyuni

In Uyuni zelf valt er naar ons weten niet zo veel te beleven. Het dient vooral als uitgangspunt om tours naar de zoutvlakte te doen of naar San Pedro de Atacama in Chili. Van hieruit namen wij een bus naar La Paz, die er ongeveer 12 uur over doet.

Sky high – La Paz

Zoals de meeste hoofdsteden, is La Paz een grote, drukke, en best wel vervuilde stad. In één ding onderscheidt deze stad zich echter van alle andere steden waar we al zijn geweest en dat is dat ze gebouwd is in en op een prachtige vallei. Wat dus uiteraard niet te missen is, is het panoramische zicht vanuit de kabelliften. Je kan van de ene lijn op de andere overstappen en op deze manier krijg je echt een heel leuk overzicht van de stad.

Waar wij ons hier vooral mee amuseerden voor de rest, is gaan eten in een aantal heel leuke restaurantjes. Voor souvenirs in te slagen moet je op de witchmarket zijn. Al zijn het eigenlijk gewoon kleine straatjes met leuke winkeltjes, in plaats van een echte markt. Het kreeg deze naam (volgens wat ik eruit heb opgemaakt) omdat in La Paz iedereen zijn eigen heks heeft, die ze enkele keren per jaar moeten bezoeken. In deze straatjes zie je de heksen hun vaste klanten ontvangen op straat.

Kota Kahuana – Copacabana

Of ook wel meerzicht. Vanuit La Paz namen wij de bus naar dit klein dorpje dat aan het befaamde Titicacameer ligt, op maar liefst 3820 meter hoogte. Je kan hier luilekkeren in het zonnetje op een van de vele terrasjes, of je kan je in een iets sportievere bui wagen aan de viewpoint. Van hieruit vertrekken er ook dagelijks meerdere keren per dag boten naar Isla del sol.

Bergeilandje – Isla del Sol

Isla del Sol is een klein eilandje, midden in het Titicacameer. Jammer genoeg kan je ook voor deze plek best niet afgaan op onze ervaring. Het is allemaal heel leuk begonnen, we kwamen aan en er hing een leuke sfeer op het eilandje, we wandelden de 300 trappen naar boven zonder ons lootje te laten en we vonden leuke kamers voor een prikje. ’s Avonds viel er echter niet zoveel te beleven dus gingen we eten in een van de weinige restaurantjes. De pasta met tomatensaus is de pretverderver geweest waardoor we buiten de wc niet veel meer van het eiland hebben kunnen zien. Omdat de nachten hier ook nog eens ijzig koud waren besloten we de boot terug te nemen naar Copacabana waar we twee dagen uitgeziekt hebben in de zon. Het oorspronkelijke plan was om op Isla del sol een hike te doen van de ene kant van het eiland naar de andere kant, wat naar het schijnt wel enorm de moeite zou zijn gezien je hier en daar nog wat overblijfselen van de Inca’s kan terugvinden.

Ravijn van eenden – Rurrenabaque

Denk; kaaimannen, anaconda’s, roze dolfijnen, piranhas en paalwoningen (en knappe Nederlanders volgens Jana) en dan heb je een samenvatting van onze 3-daagse tour door de pampa’s. Deze werd eerst nog voorafgegaan door een vluchtje van 45 minuten vanuit La Paz. Het vliegtuig bood plaats voor 14 passagiers en vloog ons door de besneeuwde bergtoppen en over het begin van de Amazone. Toevallig iets dat op onze bucketlist stond.

Dag 1: Eens geland in Rurrenabaque sprongen we de taxi in die ons dropte aan een Frans bakkerijtje tegenover onze touragency. Beste ontbijt in maanden! De 2 uren erna waren net iets minder comfortabel, met z’n 9 in de jeep over een hobbelige weg tot aan de ‘haven’. In de zogenaamde haven werden we opgewacht door onze gids, werden onze zakken in het bootje geladen en al vrij snel ging de tour echt van start.

We waren nog geen 2 minuten onderweg met het bootje of we zagen de eerste kaaiman al. Op weg naar het kamp zagen we er nog tientallen en spotten we zelfs een zwarte kaaiman, de nog grotere, schubbigere versie van de groene kaaiman. ’s Avonds trokken we er weer op uit met het bootje en onze zaklampen omdat je dan de reflecterende ogen van de kaaimannen kan zien. Totdat ze een paar maanden oud zijn, blijven de jongen bij hun moeder en omdat de meesten net jongen geworpen hadden zagen we indrukwekkend veel verzamelingen van rode oogjes. De avond sloten we af aan een gezellig kampvuur met een flesje rode wijn.

Dag 2: Wanneer het warm is leggen de kaaimannen zich aan de kant om te genieten van de warmte. Nu zag je om de 2 meter dus wel een kaaiman. Nooit gedacht dat we er zoveel zouden zien dat het op de duur zelfs gaat wennen. Op het programma vandaag: anaconda’s zoeken in de pampa’s en piranhas gaan vissen. Eerlijk gezegd, niet onze favoriete activiteiten. Onze gids wist ons te vertellen dat in het gebied waar we op zoek gingen naar de anaconda’s er steeds minder en minder te vinden zijn, omdat ze vluchten door de toeristen. Wanneer een van de andere groepen dan toch eindelijk een slang spotte, verzamelde iedereen zich om elks op zijn beurt met de slang te poseren. Uit stress sloeg de slang er zelfs niet in om zijn middagmaal binnen te houden. Dat zegt zo ongeveer alles.

Het vissen was over het algemeen nog wel grappig, vooral omdat Christophe de slechtste visser ooit bleek te zijn en Marlies het leuker vond om de vissen te voederen ipv ze te vangen. Het heeft nog wel charme, vind ik, om de visjes die je vangt ‘s avonds op te eten, maar de fun is er na een tijdje wel af als je 80% met een gat in hun kaak terug in het water moet gooien omdat ze niet vlezig genoeg zijn.

Dag 3: Naar deze dag keken we heel hard uit: zwemmen met de roze dolfijnen. Gelukkig waren we dus effectief al wat gewend aan de kaaimannen overal, want ook op de plek waar we gingen zwemmen lagen die rustig aan de kant te zonnebaden. Gelukkig blijken dolfijnen enorm territoriale dieren te zijn, die de kaaimannen dus mooi op hun plaats, aan de zijlijn, houden. Je zit hier natuurlijk op een rivier, dus het water is troebel en je ziet de dolfijnen amper. Je moet het dus vooral stellen met ze langs je te voelen zwemmen en misschien eens een speelse beet in je teen. Hoewel ik dit nu dus ook op de een of andere manier van mijn bucketlist kan schrappen, doe ik het misschien nog wel eens opnieuw. In helder water. Met gewone dolfijnen. In Bora Bora ofzo.

Na deze 3-daagse klepper als afsluiter en nog zo’n geweldig Frans ontbijt, vlogen we terug naar La Paz. De tijd had ik willen bevriezen, zodat het pijnlijke afscheid er nooit van had gekomen. Maar we hebben het maar weer gehad! Bolivia zal voor altijd een speciaal plekje hebben in ons hart, dat staat vast.

Archives

Thuis is waar m’n rugzak staat

Althans voorlopig.

6 maanden geleden ondertussen werden de verhuisdozen op zolder gezet, namen we afscheid en stapten we met onze rugzak het vliegtuig op om te beginnen aan ons groot, langverwacht avontuur.

Zwart op wit

Het leek me een leuke uitdaging neer te schrijven hoe dat nu eigenlijk voelt, zo een rondreis maken gedurende langere tijd. Online vind je tenslotte eindeloos veel blogs met to do’s voor alle landen ter wereld, wat je niet mag vergeten in te pakken, waar je moet gaan eten, slapen, enz. maar nergens vind je waaraan je je nu eigenlijk gevoelsmatig kan verwachten en hoe je je daarop voorbereidt. Uiteraard is dit voor iedereen anders, maar ik vermoed dat het er ook mee te maken heeft dat het onwaarschijnlijk moeilijk is om in woorden te omschrijven wat je hier allemaal ziet, voelt, leert en denkt. Vergeef me dus als het uitloopt op een chaotisch boeltje gedachten…

Over dromen en doen

Hoewel ik er altijd al van droomde om een verre, lange reis te maken, vroeg ik me voor onze reis soms wel eens af of ik er wel voor in de wieg gelegd was om zo lang zo ver weg van huis te zijn. Ik was tenslotte nog nooit langer dan 3 weken weggeweest. Gelukkig lukt dat tot hiertoe, mits enkele emo-momentjes, redelijk vlotjes. Cuba, Nicaragua, Bolivia, Peru en nu Brazilië, in elk land maakten we elk kamertje (dat zijn er 77 tot hiertoe) zoveel mogelijk tot ons thuis. De pittigste momenten zijn die wanneer je afscheid moet nemen van vrienden die je zijn komen bezoeken, je vrienden of familie allemaal gezellig samen zien op foto, film of via Facetime of de ochtenden waarop je wakker wordt en je eigenlijk gewoon even heel graag thuis zou willen zijn. Laten we deze de keerzijde van de medaille noemen en gelukkig kan ik garanderen dat de voorzijde degene is die veruit het hardste blinkt.

Als dit het leven is dat je leidt, als je met je voeten in het zand zit of je staat op de top van een berg of aan de voet van een waterval…dan denk ik meestal 2 dingen: 1) ik ben zó blij dat we dit aan het doen zijn en 2) ik wou dat ik iedereen zo ver kon krijgen om z’n dromen achterna te gaan.

Even blijven stilstaan

Je leeft maar 1 keer… Je zegt het elke keer als je een bom calorieën naar binnen werkt, dat ene drankje te veel bestelt, of op het punt staat een paar veel te dure schoenen te kopen. Staan we wel genoeg stil bij wat dit écht wil zeggen, vraag ik me dan af? Staan we wel genoeg stil bij het feit dat we echt nooit een tweede kans gaan krijgen om de dingen te doen die we willen doen? Voor we vertrokken, en nu nog altijd, zijn er mensen die niet begrijpen dat we deze keuze gemaakt hebben en die in onze plaats panikeren over wat we gaan doen wanneer we terug zijn, want ‘dan hebben jullie toch geen geld meer?’. Natuurlijk komt deze gedachte ook wel eens in mij op, maar 5 minuten later realiseer ik me dan weer dat ik met heel veel plezier heel hard zal werken om dat cijfer op mijn bankrekening terug naar boven te trekken, als dat wil zeggen dat ik altijd zal kunnen terugblikken op de onvergetelijke ervaring die het tot hiertoe al was. Ik weet nu ook heel zeker dat ik nooit iets zal doen dat me niet gelukkig maakt. Je hebt hier tijd, en automatisch gebruik je die tijd om creatief te leren denken en je interesses en ambities uit te bouwen. In tegenstelling tot wat velen waarschijnlijk denken, sta ik te popelen om terug aan het werk te gaan, omdat ik geen schrik meer heb om mijn dromen achterna te gaan, zelfs al houdt dat een groot risico op falen in.

Pre post-travel blues

Hoewel ik er totaal nog niet over kan meepraten hoe het voelt om weer thuis te zijn en ik me daar ook nog helemaal geen zorgen over hoef te maken, hou ik er af en toe mijn hart toch al voor vast. Iedereen heeft het tenslotte altijd over dat bekende ‘gat’ waarin vele reizigers vallen wanneer ze hun leven op het thuisfront weer opgepikt hebben. In artikels van bloggers lees je dat er een kloof ontstaat tussen degene die is gaan reizen en vrienden en familie, omdat ze het gevoel hebben dat ze niet begrepen worden. Eerlijk, in het begin van onze reis heb ik dat ook ondervonden, maar ondertussen heb ik dan ook beseft dat als je wil dat mensen je begrijpen je er misschien best gewoon zelf over kan spreken. Vandaar dus ook dit artikel…

En ze leefden nog lang en gelukkig

Zoals ik al zei kan je de meeste reizen, inclusief de onze, volgen via social media. Maar al te graag schrijven we onze ervaringen neer en delen we onze mooiste foto’s. Vanzelfsprekend creëert dit het beeld dat wij op een eeuwigdurende sprookjesachtige vakantie zijn.
Dit beeld is correct. :-)

Soms zijn ‘t de kleine dingen in het leven

Maar er is meer. Je zou het eigenlijk kunnen opdelen in verschillende luiken. Alles wat op de foto’s staat is inderdaad een geweldige 50% van onze ervaring, maar de andere helft van de reis speelt zich af op gebieden die niet op foto weer te geven zijn. Dan heb ik het enerzijds over hetgeen dat zich binnenin afspeelt én over de kleine dingen die ook een enorme bijdrage leveren aan de ervaring. In Peru zat ik bijvoorbeeld op de bus en naast me stond een vrouw, ingepakt in traditionele Peruviaanse kleding. Ik keek naar haar en zij keek naar mij, beiden vol bewondering. De connectie die je op dat moment hebt met een wildvreemde die zo van je verschilt, daar wordt mijn hart warm van.

Nog iets dat we hier zo enorm hard hebben leren appreciëren is het naar de markt gaan om je inkopen te doen. Iets dat ik altijd al leuk vond, maar hier heb ik ondervonden waarom. Op de markt communiceer je met de mensen, je loopt niet door geautomatiseerde deuren en je schuift niet aan aan een kassa waar je eten gescand wordt en waar alles meestal zonder enige communicatie verloopt. Je ruikt aan je fruit, je kan proeven, onderhandelen, je leert nieuwe dingen kennen en je hebt, opnieuw, een connectie. Dit zijn slechts twee voorbeelden van kleine ‘banale’ dingen die onze reis maken wat ze is.

De moraal van het verhaal

Wat ik denk ik probeer te zeggen… De moraal van het verhaal… is ten eerste dat de bekende quote “it’s not the destination, it’s the road towards it” nu echt steek houdt. De hoeveelheid tijd die we hier hebben om na te denken, zorgt ervoor dat we heen en weer geslingerd worden tussen gedachten en dat we onszelf af en toe eens tegenkomen, zonder dat we er bewust naar op zoek waren. We zullen dus ongetwijfeld een beetje als andere mensen terugkomen, maar wat mij betreft is dat alleen maar positief.

Ten tweede, en daar gebruik ik graag een andere quote voor: “Never get so busy making a living, that you forget to make a life.” Doe wat je graag doet, je leeft maar één keer.

There, I’ve said it.

From Brazil, with love

Camille

Archives

Nicaragua, een plek onder de zon.

 

Onderstaand artikel schreven we voor Travelbird.be 

Het land van de eeuwige zon, de ongerepte natuur, het wilde leven, koloniale steden, hangmatten, surfplanken en gebruinde lijven die de weg naar huis niet meer (willen) vinden.

Hoewel Nicaragua niet direct op onze to-do lijst stond voor ons vertrek, lieten we ons overtuigen om na Cuba hierheen te vliegen. Omdat het volgens velen het ‘nieuwe Costa Rica’ zou zijn én omdat, laat ons eerlijk zijn, het toch altijd een beetje prikkelt als je iets kan doen dat niet meteen op de drukbezochte gringoweg ligt. Bij Costa Rica denken jullie onwaarschijnlijk ook aan de kernwoorden van in de intro en dus ja, in dat opzicht klopt de vergelijking zeker. Nog liever zou ik het echter omschrijven als het ‘nieuwe oude Costa Rica’. Nieuw als in; toenemend toeristisch, oud als in; nog betaalbaar en ongerept.

9 weken zeulden wij onze rugzak hier van stadje naar strandje naar vulkaantje. Voldoende tijd dus om het land een beetje te leren kennen en jullie nu te voorzien van **10 redenen waarom je gewoon je ticket moet boeken! **

1) 1 woord: ZON!

Het is er heel het jaar door lekker warm en de zon draait op volle toeren. En daar is eigenlijk de kous al mee af, toch?

2) Pacha mama

De laatste jaren had Nicaragua te kampen met heel wat droogte. Daardoor, en omdat we er in het droge seizoen waren, lag het landschap er redelijk dor bij. Desalniettemin kan je er prachtige wandelingen maken in de ongerepte natuur, in alle uithoeken van het land. Waag je zeker aan een van de 19 vulkanen (waarvan 8 actieve) en geniet van een spectaculair zicht en een ongelofelijke beloning eens je de top bereikt.

3) Pijp uit? Kleren uit!

Nadat je je tijdens een hike in het zweet hebt gewerkt kan je recupereren in een ligstoel of een hangmat. Nicaragua biedt de ideale mix tussen sportief en heerlijk relaxen aan.

4) Gemakkelijk, goedkoop en snel

En dan heb ik het over het transport 😉 In dit relatief kleine landje hoef je geen lange dagen of nachten op de bus door te brengen, op maximum 4uur ben je op je bestemming met de lokale chickenbus. Op voorhand reserveren hoeft niet, de meeste bussen vertrekken zowat elk uur en je zal het geweten hebben. (Denk: de co-piloot die uit de deur hangt en de bestemming door de straten blijft roepen in de hoop de bus vol te krijgen. Doe: zeg zoveel en zo snel mogelijk ‘Granada’ aan een stuk door om een beeld te krijgen van hoe dat ongeveer in z’n werk gaat.) Over je budget hoef je je op dit gebied ook geen zorgen te maken, voor gemiddeld 2 euro ben je gesteld. Bovendien zien de bussen er nog eens super leuk uit ook!

5) Safety first

Een veelgestelde vraag is of het wel veilig is in Nicaragua. Zelf hebben we er niets meegemaakt en beantwoorden we die vraag dus graag positief. Natuurlijk hou je best je spullen en je gezond verstand dichtbij op bussen en dergelijke. Eerlijk is eerlijk, we zijn een aantal mensen tegengekomen die bestolen zijn geweest, maar dat kan overal gebeuren (ons overkwam het in Peru). We kwamen even goed meisjes tegen die er alleen aan het reizen waren en nooit iets hebben meegemaakt.

6) Bevorderlijk voor de insta-feed

A picture-perfect kind of scene. Dit zowel op vlak van de prachtig variërende natuur, de koloniale architectuur, alsook de mensen die er geen probleem mee hebben dat je een fotootje van hen trekt.

7) Vriendelijke mensen

De Cubanen spannen de kroon, dat ik moet ik ze geven, maar in Nicaragua moeten ze zeker niet onderdoen.

8) Surf’s up!

Kan je surfen en wil je die skills maar al te graag delen: kan! Kan je niet surfen en wil je het leren: kan! (Hier geldt de ‘niet rechtgestaan, geld terug’ politiek dus het kan nog goedkoop ook) Kan je niet surfen en wil je gewoon kijken: guess what? Kan! (Ps; San Juan Del Sur en zijn omliggende stranden zijn hiervoor de place to be)

9) Food & beverage

Alsof al deze 8 redenen nog niet genoeg waren, zit ook het eten en drinken hier nog eens mee! Wij besloten in Nicaragua onze eetgewoonten over een andere boeg te gooien en eten sindsdien nog enkel niet-dierlijke producten. De hostels hebben de handige gewoonte een keuken te voorzien voor de gasten, dus meestal kookten we zelf, kwestie van het budget niet uit de pan te laten schieten. Wanneer we wel eens uit eten wilden gaan waren er altijd, overal, meerdere leuke (al dan niet veganistische) opties te scoren.

10) Prachtige koloniale steden

Gekleurde voordeuren, prachtige kathedralen, lange straten die uitlopen op de zee, musea, straten met geschiedenis, … Granada beviel ons bijvoorbeeld zodanig dat we er meer dan een week bleven hangen.

11) De slechtste muziek in heel de wereld.

Daarom dat we dan ook 10 redenen zeiden en geen 11.

Archives

We zien wel trekt de stad in: onze 10 favoriete hotspots in Cusco.

Onze eerste stop in Peru is meteen een schot in de roos. Cusco is een stad die enorm veel te bieden heeft; ruïnes, valleien, een indrukwekkende kathedraal, prachtige pleinen, oneindig veel markten, … Daarnaast is het op culinair gebied, wat ons betreft, het walhalla. Na bijna twee weken in deze stad, hier onze favorieten:

1) GREEN POINT:

Nooit gedacht dat je in een stad in Peru zoveel vegetarische/veganistische opties zou kunnen scoren. Green point is zeker een van de populairste, en terecht. De vegan Thai ceviche vergeet ik nooit! Intussen hebben ze in Cuzco twee restaurants, een winkel, een school waar je kooklessen kan volgen en bieden ze ook de kans om deel te nemen aan helingsrituelen, waaronder San Pedro en ayahuasca. Na een overheerlijke lunch gingen we een samenwerking met hen aan, dus binnenkort meer hierover.

Carmen Bajo 235, Cusco, Peru

Green Point 2: Plaza San Francisco, Cusco, Peru 

2) GREENS ORGANIC:

Aardbei, appelsien, peper en gember. Een heerlijke combo voor een gezonde smoothie! Daarnaast deelden we de gnocci van rode biet en zoete aardappel met een basilicum sausje en een Afrikaanse curry met couscous. Niet van de goedkoopste, maar zeker en vast een aanrader!

Sta Catalina Angosta, Cusco, Peru

3) MR. SOUP:

Voor een heerlijke maaltijdsoep moet je hier zijn! Wij gingen voor een overheerlijke (veggie) tom ka kai, maar ook de klassieke tomatenroomsoep en nog een 15-tal anderen kan je hier vinden.

Calle Saphi 448, Cusco, Peru

4) PER.UK:

We belandden hier de avond van onze aankomst en werden meteen heel gelukkig van wat de menukaart te bieden had. Moderne Peruviaanse gerechten en als suggesties ook heel wat veganistische opties. We gingen voor de vegan rode curry en een vegan risotto met kokosmelk. Om duimen en vingers van af te likken!

Calle Plateros 344, Cusco, Peru

5) QIWA:

In een van de vele gezellige straatjes van San Blas bots je vrijwel meteen op dit zaakje. Salades, soepen, broodjes, wraps, burgers, sapjes, … Je vindt het hier allemaal! Toegankelijk voor zowel de Carnivoor, vegetariër als veganist.

Calle Choqechaka 216, Cusco, Peru

6) COCOLISO:

Klein vreugdesprongetje, eindelijk een koffietje drinken zoals dat bij ons in Antwerpen kan! Pastelkleurige tafeltjes, zetels met kleurrijke kussens, prachtige foto’s aan de muur, een klein schattig terrasje, …  Jammer genoeg hebben ze enkel gewone koemelk, maar zelfs zonder melk is de koffie heerlijk en dat is niet elke koffiebar hier gegeven. Opgelet want de lekkere taarten vallen niet te weerstaan!

Calle Palacio, no 122, Cusco, Peru

7) LA RABONA:

Veel zitplaats is er niet, maar take-away kan perfect. Lekkere koffietjes met gewone melk, amandelmelk of kokosmelk en opnieuw gevaarlijk lekkere zoetigheden.

Herrajes 146, Cusco, Peru

8) MARCELO BATATA:

 

Het ideale dakterras voor wanneer je even wil ontsnappen aan de drukte van de stad. Geen impressionante drankenkaart, maar wel veel zon en een mooi uitzicht over de stad!

Calle Palacio 121, Cusco, Peru

9) MERCADO SAN BLAS:

Iedereen zal je ongetwijfeld naar de San Pedro markt sturen om daar iets te eten, een sapje te drinken of je inkopen voor ‘s avonds te doen. Dit is zeker niet onterecht, San Pedro heeft enorm veel in de aanbieding, maar een andere markt die volgens ons ook zeker een bezoek waard is, is die van San Blas. Hier loop je gegarandeerd wat minder volk/toeristen tegen het lijf en kan je even goed je inkopen doen en een lekker sapje drinken. Je hebt er zelfs een foodstalletje, Govinda Lila, waar je terecht kan voor Peruviaanse vegetarische gerechten voor ongeveer 1 euro.

10) QOSQO:

Last but not least. Zeer centraal gelegen aan het Regocijo plein vind je Qosqo terug. Een kroeg met een zonnig terras maar vooral: een breed aanbod aan (Belgische) bieren! Je betaalt S./32 (8,5 euro) voor een La Chouffe of een Duvel, maar oh wat kan dat smaken!

Portal Escribanos #169 | Plaza Regocijo, Cusco, Peru

Archives

Liefste dagboek, We Zien Wel wat zout vandaag

 

Fragmenten uit het dagboek van Camille tijdens onze tour van de zoutvlaktes in Uyuni – Bolivia

12/5

Dag 1 van onze tour op de salar: Na een spontane ladiesnight met een ietsje te veel rode wijn, deze ochtend vroeg uit de veren. Gelukkig konden we de lichte koppijn wegwerken met een deluxe havermout ontbijt. Om 8u palmden de jongens en meisjes elks hun eigen jeep in (na de ladiesnight hebben we de smaak te pakken) en om 10u zaten we al op ongeveer 4000m hoogte. Omdat het stijgen zo snel ging voelden we allemaal precies de randen van onze hersenpan en ook mijn maag was niet helemaal oke. Gek toch, die hoogte! De eerste landschappen die we te zien kregen waren wel al adembenemend. Na de eerste stijging daalden we terug een stukje en uiteindelijk bezochten we een stadje op 4850m. Daar voelden we ons eigenlijk wel oke, waarschijnlijk omdat het nu op een iets rustiger tempo ging. Nu zijn we in de hostel, lekker koud maar wel lekker gezellig. Soepje eten en wat opwarmen!

13/5

In bed gekropen met een thermische legging, joggingbroek, dikke sokken, topje, fleece, 2 truien, mijn muts, slaapzak en 4 dekens. Eigenlijk echt heel goed geslapen, ik had het net warm genoeg en heb geen last gehad van de hoogte ofzo. Om 8u zijn we weer vertrokken en vandaag zou de mooiste dag moeten worden, wat ik tot hiertoe al kan beamen. Struisvogels, lama’s, flamingo’s, meren, met sneeuw bedekte bergen, … Ik denk niet dat ik ooit al zo’n mooie landschappen heb gezien! Zijn net het 3 landen punt gepasseerd, zagen de bergen van Chili en Argentinië, echt heel cool! Het op mijn honger blijven zitten waar ik tot voor kort een beetje mee te kampen had is nu officieel over, wat ik hier zie is adembenemend (letterlijk en figuurlijk) en dan ben ik echt super blij dat we dit allemaal kunnen zien en dat er nog 300 dagen volgen met zoveel moois. Voor de middag hebben we de thermen bezocht, zalig kunnen opwarmen in heerlijk warm water! Na 25 min ong zijn we verder doorgereden naar Laguna verde, een meer dat er s morgens heel normaal uitziet maar tegen de middag komen door de wind de mineralen vrij en ziet het mega helder blauw. Daar hebben we uit de wind lekker gelunched en nu zijn we onderweg naar de geisers, op 5000m hoogte. Zwavelzuur, vulkanische geisers, kokende modderbaden, de moeite om te zien. Zeker omdat ze eigenlijk geen nut hebben, die zijn er gewoon en dan zie je maar weer is hoe ongerept de natuur hier is. De laatste stop van vandaag was Laguna Colorada, een meer dat werkelijk heel rood ziet en waar er veel flamingo’s en een aantal lama’s zitten. Veel flamingo’s waren wel dood, blijkbaar omdat het dit jaar vroeger koud is tov andere jaren en daar kunnen ze niet goed tegen. We zagen deze middag trouwens ook hoe ze een lama slachtten met een bot mes, voor de ogen van de andere lama’s :( Vanavond vieren we mijn verjaardag!

14/05

Mijn 25ste verjaardag vandaag :-) Hij werd gisteren alvast goed ingezet om 18u (in België 12u s nachts) met een flesje wodka, heel wat spelletjes uno en een dansje. Om 8u weer onderweg, eerste stop aan de andere kant van la Laguna Colorada en dan Arbol de Piedra. Nog 5 meren gepasseerd en aan 3 ervan gestopt omdat er heel veel flamingo’s zaten. S middags gelunched achter een paar rotsen. Benita had weer allemaal lekkere dingen klaargemaakt en de groep had als verrassing een flesje rosé cava voorzien :-) We hebben dan nog een muziekje opgezet, echt zalig, iedereen was mega gelukkig zo in het zonnetje. Nog een goeie 4u onderweg geweest en 2 keer autopech gehad. Gelukkig zitten we met een optimistische bende en hielden we dan maar een spontane danspartij op de eerste kleine zoutvlakte die we tegenkwamen. We doopten ons festival tot Festisal. Wanneer Santos en Elvis alles gefixt hadden zijn we weer verder gereden (vonden we bijna jammer) en zijn we gestopt bij rotsformaties Rocas Corales en bij Cueva Galaxia, een grot die pas in 2003 ontdekt werd. Vroeger was er hier een groot meer of een grote zee, maar dat is allemaal weggetrokken dus nu blijven er alleen nog koraalstenen en grotten over. Je kan dus wel echt zien dat deze grot bijvoorbeeld ooit onder water heeft gestaan. Vanavond slapen we in een ‘fancy’ hostel, we hebben maw privekamers die iets warmer zijn dan de vorige én een warme douche. Geen meisjes en jongenskamer meer dus vanavond. Kruipen vroeg onder de wol vanavond want morgen staan we om 4u30 op om de zonsopgang te bekijken op de zoutvlaktes.

15/5

Na een goei dutje dicht tegen Morre, om 4u30 opgestaan en om 5u met de jeeps naar de Salar de Uyuni vertrokken. Vanop Isla Inkawasi, het cactuseiland, zagen we de zon opkomen en konden we voor het eerst de zoutvlaktes van maar liefst 2000 km² waarnemen. Bijna zonder tenen en vingers naar beneden gewandeld maar dat was allemaal vergeten nadat we in het souvenirshopje dan toch nog een lama van goei formaat vonden en we een theetje konden drinken én opnieuw een dansje konden doen. Om 8u15 trokken we dan uiteindelijk richting de zoutvlaktes om onze foto’s locas te nemen en te genieten van het hoogtepunt en het uiteindelijke doel van de trip. We deden nog 2 laatste dansjes, eentje in en uit een blik paceña en nog eentje met Benita, Santos en Elvis erbij. Je voelde echt aan de gidsen dat ze ons best een toffe groep vonden, Santos vertelde dat sommige groepen geen woord zeggen en dat de muziek niet te luid mag etc. Heel fijn dus! Na anderhalf uur op de zoutvlakte rijden we door naar het zouthotel dat vandaag de dag geldt als museum, we rijden nog even voorbij een paar heuveltjes zout waar ze de ontginning doen en dan pauzeren we in een dorpje waar we de laatste lunch nuttigen en enkele souvenirs inslaan. De allerlaatste toeristische stop van de tour is het treinkerkhof en ook daar kunnen we het niet laten om nog een keertje te dansen, op een antieke wagon. Tijd om naar Uyuni te gaan, waar we onze bus boeken voor vanavond en de overige uren spenderen in een Italiaans/Boliviaans restaurant met leuke panfluitmuziek en jawel, WiFi! Even de verjaardagsberichtjes laden dus :-)

16/5

Na een busrit van 10u aangekomen in La Paz. Ook al is het vroeg in de ochtend en hebben we niet de beste nachtrust gehad, je voelt dat de sfeer er sinds de trip van de afgelopen dagen nog meer dan tevoren in zit. De zeveschevebolivineze gaan nog een leuke twee weken tegemoet me dunkt!

 

Praktische info:

– We boekten onze tour bij Tupiza Tours in Tupiza en deden de route dus van Tupiza naar Uyuni. Veel mensen doen de tour in de omgekeerde richting, te beginnen vanuit La Paz, maar dat is vaak duurder en wij vonden het heel positief dat je met het hoogtepunt eindigt.
– Wat meenemen: voldoende warme kleren!

Archives

We Zien Wel zoekt de heuvels in het Noorden op

Niet heel veel toeristen die een beperkte tijd hebben bezoeken het Noorden, de meesten stippelen hun route uit tussen León, Granada, Isla de Ometepe en San Juan del Sur. Begrijpelijk natuurlijk, maar wel zonde, want ook een bezoek aan het Noorden is volgens ons een absolute must. We zijn nu 7 weken in Nicaragua aan het rondreizen en toegegeven, dat is wel heel ruim, maar het land blijft er wel in slagen om telkens opnieuw een andere kant van zichzelf te laten zien. De sfeer die er aan de Pacifische kant en de Caraïbische kant heerst verschilt al enorm van elkaar en ook hier, in centraal Nicaragua, zou je bijna denken dat je weer in een ander land bent beland. Geen stranden of vulkanen meer, maar ‘regenwoud’, koffie- en tabaksplantages, watervallen en canyons.

First stop: Estelí

Estelí is een stad in het noordwesten van Nicaragua. In het stadje zelf is een bezoek aan de sigarenfabriek niet te missen en ook de kathedraal verdient het om even bewonderd te worden. Ook de wandeling naar La Cascada de la Estanzuela is zeker de moeite en verder moet je gewoon even verdwalen in de straatjes om de vele mooie en krachtige muurschilderingen op te zoeken.

Even wat meer over de sigarenfabriek die we bezochten:

Het gebied waarin Estelí gelegen is verleent zich perfect om tabak voor sigaren te telen, daarom is het dus ook een van de meest belangrijke sigaar-producerende steden ter wereld. Wij bezochten voor 8 dollar per persoon een sigarenfabriek net buiten het stadscentrum en kregen van a-z te zien en te horen hoe een doosje sigaren tot stand komt. Niet alleen wordt elke sigaar hier met de hand gerold, het proces dat daaraan voorafgaat is bijna hallucinant.

Even heel kort, gewoon omdat ik het niet kan laten, het proces van zaad naar sigaar. – Diagonaal te lezen voor diegenen die of niet geïnteresseerd zijn in deze uiteenzetting, of diegenen die zeggen ‘daar ga ik naartoe!’ en nog verrast willen worden – Een tabaksplant bestaat uit drie delen: ligero, seco en voldedo. Het bovenste, het middelste en het onderste stuk. Elk verschillend deel van de plant wordt ook voor een verschillend deel van de sigaar gebruikt. Tijdens de oogst worden eerst de onderste bladeren geplukt, daarna de middelste en dan pas de bovenste. Dit zodat de bovenste bladeren het meeste zonlicht kunnen vangen en de sterkste zijn. Alle bladeren die geplukt worden komen eerst te drogen. Daarna worden ze samen in bakken gebundeld voor een eerste natuurlijke fermentatie. Voordat er een tweede fermentatie plaatsvindt, worden maar liefst alle bladeren gesorteerd per soort en wordt de middennerf handmatig verwijderd. Daarna wordt alles weer gebundeld in bakken voor een tweede fermentatie. Hierbij is de belangrijkste factor de temperatuur, dus die wordt nauwlettend in het oog gehouden en alle bladeren worden regelmatig omgekeerd om een evenwicht te creëren. Nadat de bladeren enkele dagen hebben kunnen luchten in de ‘parillelos’ (planken waarop de bladeren verspreid worden) worden ze verpakt om vervolgens aan een langdurig rijpingsproces te beginnen. Na het rijpingsproces kan de sigaar dan uiteindelijk gerold worden. Het rollen bestaat ook op zijn beurt uit een paar verschillende fases. Eerst wordt het binnenste van de cigaar in het omblad gerold en wordt dit geheel gedurende 20min samengeperst in een mal om zijn vorm te krijgen. Vervolgens wordt de sigaar in een dekblad gewikkeld en afgesneden op de juiste lengte. Eens gerold wordt elke sigaar geïnspecteerd. De kleur, lengte, doorsnede en het uiterlijk van de sigaar worden beoordeeld, en jawél, 1 iemand voert de functie van ‘sigarenproever’ uit. Deze belangrijke en zeer gezonde man brengt zijn minstens 20-jarige carrière dus al rokend door en controleert zo de verschillende sigaren op hun sterkte. Nu nog even 2 tot 3 weken laten rusten en dan zijn de sigaren klaar om verkocht te worden.

Vanuit Estelí kan je nog best wel wat leuke uitstappen boeken, bijvoorbeeld via Tree Huggers. Tree Huggers is een non-profit organisatie die tevens deel uitmaakt van hostel Luna (samen met Sonati zowat de meest populaire hostels hier). Een van hun meest populaire uitstappen is die naar de veelbelovende Somoto Canyon. Wij hebben deze uitstap niet via hen geboekt, maar hebben gewoon de bus genomen naar Somoto en zijn daar aangesloten bij een groep via Somoto Canyon Tours. Uiteindelijk maakt het niet zo veel uit met welke organisatie je het boekt, de prijzen zijn zowat overal dezelfde.  

Tot voor Estelí stond de beklimming van El Hoyo (lees hier onze El Hoyo ervaring) zonder enige twijfel op onze nummer 1, maar nu zal hij zijn plaats toch moeten delen met de Somoto Canyon. De canyon werd pas in 2004 ontdekt en er worden pas tours gegeven sinds 2011. Het is dus nog maar redelijk recent een populaire en niet te missen attractie geworden in Nicaragua. Samen met nog 6 anderen kozen we ervoor om de tour van 4 uur te doen, waarbij we afwisselend moesten wandelen en zwemmen en ook de kans kregen om van kliffen tot wel 20 meter hoog te springen. Christophe waagde zich aan de sprong van 8 meter hoog, ik bleef trouw aan mijn belofte aan het thuisfront om niet roekeloos te worden en hield het op een bescheiden 2 meter (Haha, dit klinkt zó lame). In elk geval, we zijn het erover eens dat dit echt een enorm indrukwekkende uitstap is die je absoluut niet mag missen als je de kans krijgt Nicaragua ooit te bezoeken! 

In de provincie Estelí en het beschermd natuurpark Miraflor bestaat de hoofdactiviteit uit landbouw en het produceren van artisanale producten. De voorwaarde om toeristen toe te laten in het natuurpark is dat zij helpen op de fincas, of ze alleszins bezoeken. Je kan via Tree Huggers een homestay boeken in Miraflor, waarbij je dus bij mensen thuis gaat slapen en hen helpt op het veld. We vernamen echter van een meisje dat ze gedurende een week niets hoefde te doen omdat er nu eenmaal niet veel werk is tijdens het droog seizoen. Wij kozen er dus voor om samen met Evert en Sanne, een Nederlands koppel dat we de avond ervoor leerden kennen een wandeling van 5 uur te gaan doen in het ‘regenwoud’ van Miraflor. Nu, droogte en regenwoud gaan niet echt goed samen, dus het bleef bij een mooie wandeling in een vrij tot zeer dor landschap. Voor ons was deze uitstap dus net een iets minder groot succes, maar in het regenseizoen is het volgens mij wel echt de moeite!

Matagalpa

Matagalpa is een iets levendiger stadje, meer richting het noordoosten van Nicaragua. Het is gelegen in een vallei en is dus redelijk heuvelachtig. We merkten hier meteen een verschil in temperatuur en moesten na 2 maanden onze jeans ‘s avonds nog eens uitpakken. Evert en Sanne reisden nog voor een nachtje meer naar hier, dus samen hielden we in La vita e bella een uitgebreide Italiaanse avond met veel pizza en veel rode wijn.

Vanuit Matagalpa kan je verschillende uitstappen doen naar watervallen, regenwoud, bergen enz. Wij waagden ons aan de beklimming van de Cerro Apante, een hike van slechts een uurtje maar bijna vermoeiender dan de beklimming van de El Hoyo vulkaan. (Ik steek het op het feit dat het hier al wat hoger gelegen is, ofzo) De camino de la cruz bracht ons tot op de top, waar we een gigantisch beeld van Maria aan een kruis te zien kregen (eigenlijk geen idee wie het was, maar laten we het op Maria houden). Van hieruit hadden we een prachtig panomarisch zicht over de stad en onze beweging hadden we ook weer gehad!

De dag erop stapten we op de chickenbus om La cascada blanca, de witte waterval te bezoeken. Hier wil ik meteen even een van de grootste pluspunten van Nicaragua aanhalen, als je hier een canyon of een waterval of natuurlijke zwembaden of eender wat bezoekt, dan kan je er echt nog van genieten en heb je het gevoel dat je iets hebt gedaan wat niet iedereen doet omdat het er niet platgelopen wordt door toeristen. Op 2 andere mensen na waren we er dus weer helemaal alleen, waardoor je iets op een heel andere manier kan bewonderen. Bovendien had het de avond ervoor stevig geregend, waardoor de waterval veel heviger was en het effect dus nog eens uitvergroot werd. Na een aantal uurtjes namen we de bus terug, helemaal voldaan!

De andere uitstappen bleken redelijk duur te zijn en gezien we al wel redelijk wat wandelingen achter de rug hadden en er in de andere landen ook nog wel wat op de planning staan, besloten we het hierbij te houden en terug richting Granada te reizen.

We zien jullie wel snel weer, voor een update over onze twee laatste weken in Nicaragua!

 

 

Archives

We zien wel zou we zien wel niet zijn zonder al wel eens een gezonde portie zon te zien

Big Corn en Little Corn, 2 eilandjes aan de Caraïbische kust van Nicaragua. Paradijs op aarde volgens vele reisgidsen, blogs, locals en andere toeristen en nu ook volgens ons. (Little Corn alleszins) Reden genoeg dus om ons hier gedurende 2 van onze 9 weken in Nicaragua te settelen. Wij kozen ervoor om slechts 1 nacht op Big Corn te verblijven en die ene nacht is, wat ons betreft, zelfs overbodig als je tijd hebt om dezelfde dag nog een boot naar Little Corn te nemen.

Er zijn twee manieren om op Big Corn te geraken en er zijn twee factoren die je beslissing bepalen; tijd en geld. Zit je er niets mee in om 4-6 dagen op te offeren voor de heen- en terugreis, dan kies je voor de optie bus en boot en betaal je slechts 40 dollar in totaal. Verkies je eerder een reistijd van 45 minuten, dan boek je beter even een vliegtuigticket voor 160-200 dollar heen en terug. Vliegtickets kan je tot 2 dagen op voorhand boeken, maar hoe langer op voorhand, hoe goedkoper natuurlijk. Hoewel wij budgetreizigers zijn, waren we min of meer genoodzaakt om het vliegtuig te nemen omdat de boot slechts 1 keer per week uitvaart, waar we niet van op de hoogte waren en die boot konden we dus niet meer halen. Nu, laat ons eerlijk zijn, daar hebben we niet heel erg om gebaald.

2 weken gevuld met… zon, zee, strand, snorkelen, stand up paddleboarden, lekker eten en drinken, leuke mensen en niet veel meer dan dat, wat wil een mens nog meer?

Waar je volgens ons deze mooie oplijsting kan vinden op Little Corn? Dat doe ik graag even uit de doeken.

Zon, zee, strand

Smeren, smeren en nog eens smeren. De zon brandt hier. Hard. Ik kan het maar meegeven.

Het grootste deel van de tijd kon je ons vinden op het strand voor Désidéri (zie categorie lekker eten en drinken). Hier vind je hangmatten in de zon of in de schaduw, strandstoeltjes, een vlot op enkele meters van het strand verwijderd, een leuk muziekje op de achtergrond, … Wat ons betreft alles wat je nodig hebt om je in het paradijs te wanen (of er eigenlijk gewoon te zijn).

Ook leuk is om eens een wandeling te doen rond het eiland en de strandjes in het Noorden zo te bezoeken. Het grootste deel kan je bereiken via het weggetje dat door het eiland loopt, maar je kan ook een deel langs het water wandelen. Niet altijd evident, maar wel zeker de moeite! Zo kwamen wij terecht op een van de ’secret beaches’ zoals we het zo graag noemen, waar we heel de dag helemaal alleen waren tussen de palmbomen en de vele gekleurde visjes.

Ook het strand van Yemaya Resort is zeker de moeite als je eens lekker decadent wil doen. Tussen 13u en 16u is het er happy hour en kan je met de lekkerste (en op dat moment veroorloofbare) cocktails genieten van een ‘fris’ briesje en een parelwit strand.

Hoe he’e nalu

Een absolute aanrader is het ‘nachtsnorkelen’. Na zonsondergang vaar je uit en wanneer het echt donker is ga je het water in. Toegegeven, we waren een beetje zenuwachtig, maar eens in het water ervaar je een zalig rustgevend gevoel. Het is een heel andere ervaring dan overdag snorkelen, je ziet veel minder vissen, maar wel dieren die je door de dag niet ziet. Zo zagen wij een aantal zeeschildpadden én, jawel, een haai! Je krijgt elks een zaklamp zodat je kan schijnen wanneer je een dier ziet, maar het zou je verbazen hoeveel je ziet door enkel het licht van de maan en de sterren. Wij boekten dit bij het zaakje dat bij Désidéri hoort en betaalden 20 dollar per persoon (de normale prijs is 25 dollar, maar als je een beetje onderhandelt…)

Het dagsnorkelen lieten we omwille van ons budget jammer genoeg aan ons voorbij gaan, maar het zou naar horen zeggen zeker de moeite zijn. Pijlstaartroggen bij de vleet en een heel divers kleurenpalet aan visjes.

Voor surfers is dit waarschijnlijk niet evenzeer het paradijs, maar de rustige zee verleent zich wel om te stand up paddle boarden. Voor wie nog niet bekend is met dit fenomeen, stand up paddle boarden (of ook wel hoe he’e nalu in het Hawaiiaans) is een mengeling tussen surfen en kajakken en verspreidt zich vandaag de dag als een populaire sport over heel de wereld. Een absolute aanrader, zeker bij zonsondergang!

Ook om te leren duiken ben je hier aan het juiste adres! De twee duikscholen op Little Corn zijn Dive Little Corn en Dolphin Dive en een open water padi behaal je hier voor ongeveer 330 dollar.

Niet enkel de liefde van de man gaat door de maag

Little Corn mag dan een klein eilandje zijn, leuke adresjes zijn er meer dan genoeg! Omdat we rekening moeten houden met ons budget hebben we meestal zelf gekookt, maar af en toe konden we toch niet anders dan aan de verleiding toe te geven en dan waren volgende adresjes onze favorieten:

➸ Désidéri: Als je van de pier naar rechts loopt zal je als een van de eersten op dit kleurrijke zaakje botsen. Het wordt uitgebaat door een Canadese vrouw en haar Italiaanse man en er werken zowel locals als enkele Westerlingen. Een gevarieerde menukaart met heerlijke gerechtjes zoals vegetarische hamburgers, verse visgerechten, pasta’ s, slaatjes, … Ook de koffies zijn hier een absolute aanrader! Ik ging voor de Vietnamese iced coffee, Christophe voor een French pressed coffee, beiden echt waanzin! We waren dus al snel verkocht en passeerden hier wel dagelijks voor ontbijt, lunch, avondeten of gewoon voor een aperitiefje tijdens happy hour. ’s Avonds wordt er hier ook regelmatig iets georganiseerd. Zo stond ik na jaren nog eens achter een micro op karaoke-avond en zaten we op de eerste rij tijdens een avond live muziek door een Canadese artiest.

➸ Tranquilo: Een paar meter verwijderd van Désidéri en een redelijk vergelijkbare menukaart. Wij wisselden af tussen de twee en konden concluderen dat we misschien nog net iets meer fan waren van de kaart bij Désidéri, maar dat de bediening bij Tranquilo wel de allerbeste is. Ook hier is er ’s avonds wel altijd iets te doen. Op vrijdagavond organiseren ze een bonfire alvorens het feestje van start gaat in de happy hut en op woensdagavond wordt er traditioneel gedanst op live jembé muziek, zalig om te zien! Zeker als Christophe dan nog eens op de dansvloer wordt gesleurd door een van de lokale schoonheden.

➸ Little Bagel Shop: Een kleine bakkerij waar er dagelijks verse muffins, bagels, broden, … gebakken worden en waar er alsook juweeltjes, organische zeep en kokosolie verkocht wordt. De bagel wordt geserveerd in een bananenblad en is een ideale lunch of snack voor onderweg!

➸ Lighthouse: Het hoogste hotel/restaurant/bar van het eiland, uitgebaat door twee Franse broers. Wij kwamen hier op een maandagavond om opnieuw naar een live optreden te luisteren en wisten voordien niet dat je er ook kon eten. Het is er in elk geval heel gezellig en alles wat uit de keuken kwam rook extreem verleidelijk!

➸ Darinia’s kitchen: Last, but definitely not least! We leerden Darinia na enkele dagen kennen via Duitse vrienden die we in de hostel leerden kennen. Darinia kookt elke avond voor een klein aantal mensen bij haar thuis en maakt het allerlekkerste eten met verse producten die ze laat overkomen uit Managua of die ze plukt in de tuin. Thais, veggie, vegan, vis, vlees, je zegt haar bij je reservatie wat je graag zou willen en zij maakt het voor je klaar, in de lekkerste vorm! Om haar zaakje een duwtje in de rug te geven en omdat zij gewoon echt super sympathiek is, besloten we een kort promofilmpje te maken voor haar en zo groeide er op enkele dagen tijd een mooie vriendschap. Het filmpje kunnen jullie hieronder bekijken en als jullie de kans krijgen om bij haar langs te gaan…doen!

Muchachas & muchachos

Ik ben hier al fameus van mijn sokken geblazen geweest door de leuke mensen die we hier hebben we leren kennen. De passie voor het reizen is vaak al genoeg om een leuk gesprek met iemand aan te knopen en we zijn al verschillende keren na enkele dagen te weten gekomen dat we verrassend veel gemeenschappelijke interesses delen met mensen. Je leert ook echt dat iedereen, op zijn manier, een verhaal met zich meedraagt en die verhalen deel je aan de andere kant van de wereld al wel is gemakkelijker met een ‘vreemde’.

Elke medaille heeft natuurlijk zijn keerzijde en in dit geval is dat dan het afscheid dat je telkens moet nemen. Ik denk dat dat op dit moment soms het moeilijkste is, omdat het deze mensen zijn die een nieuwe plek een beetje als ‘thuis’ doen voelen. Ik denk en hoop oprecht dat we velen van hen nog zullen terugzien. (Dit geldt dan uiteraard niet alleen voor de mensen die we op Little Corn leerden kennen.)

➸ Clémentine & Vincent, nos amis français, on est ravis de vous avoir rencontré et j’en suis sûr qu’on se reverra un jour quelque part dans le monde!

➸ Laurie & Remy, la semaine de surf et plage avec vous a été super! On viendra vous visiter d’office, soit au Pays Basque, soit au Nicaragua!

➸ Alice & Boat, mensen naar ons hart, da wete gulle ook!

➸ Johanna & Nils, I’m not even gonna try to say it in German.. It was so nice to meet you! Too bad we only had a few days together.. Whenever we see a nudibranch, we’ll definitely think of you guys!

➸ Nestor, muchas gracias por la ayuda en El Concepción y para la hospitalidad en los chocoyos!

➸ Darinia, espero verte pronto! Estamos tan contentos que nos encontramos con te! Abrazo fuerte! Un Pad Thai para mi por favor!

➸ Emily, thank you for the good laughs and the nice conversations we had! Your story is inspiring!

From the hammock, to the wall, to my comfy bed I crawl

Wij verbleven een kleine 2 weken bij ‘Three Brothers’ op Little Corn. Dit is zowat de goedkoopste hostel op het eiland en ook een van de enige met een uitgeruste keuken die je mag gebruiken. Het is er erg proper (lees; de poetsvrouw kuist élke dag de hostel van kop tot teen met zeep die je uren later nog kan ruiken, tot op het irritante toe), het is centraal gelegen, de eigenaars zijn vriendelijk, de hostel heeft een eigen winkeltje, enz. Zeker en vast een aanrader voor de budgetreizigers onder ons!

Aan de oostelijke kant van het eiland kan je verschillende hostels vinden die hutjes op het strand verhuren. De goedkoopste zijn ongeveer 20 dollar, maar de prijzen lopen al snel op als je wat luxe en comfort wil.

In a (coco)nut shell

Wil je een paar dagen relaxen op een eiland in de Caraïben, waar er geen verkeer is en waar er 1 keer per week een boot eten en drinken komt leveren, waar de moedertaal Engels met Creoolse invloeden is en de tweede taal reggae, waar je uren in de zee kan dobberen, waar je na een paar dagen al herkent en herkend wordt, waar je kan feesten tot in de vroege uurtjes of juist bij ochtendstond aan een yogasessie kan deelnemen, waar zowel de honeymoon’ers als de low budget travellers elkaar ontmoeten, waar je leeft volgens het draaien van de zon en waar je vooral gewoon kan doen wat je wil… Dan ja, dan is de boodschap duidelijk denk ik.

Hasta luego,

Camille

Archives

Een hart vol Cuba en een mond vol bonen.

Als het woord hartverwarmend nog niet bestond, zou ik het waarschijnlijk hier ter plekke uitvinden om Cuba te omschrijven. 

Christophe en ik zijn op reis vertrokken met de ingesteldheid dat we de lokale bevolking en hun cultuur wilden leren kennen. We wilden van dichtbij zien hoe de mensen hier leven, wat hen gelukkig maakt en in welke mate hun cultuur zich al is gaan aanpassen sinds de embargo’s met de Verenigde Staten versoepeld zijn. Het moet lukken dat Cuba nu net hét land bij uitstek is waar ze met een open deur leven en waar ze je letterlijk bij hun thuis ontvangen.

19 nachten logeerden we in verschillende casas particulares en keer op keer waren het de allervriendelijkste mensen die er alles aan deden ons verblijf bij hun zo aangenaam mogelijk te maken en die ons op alle mogelijke gebieden hebben verder geholpen. Na ons verblijf van 6 nachten in Viñales durf ik zelfs te zeggen dat het afscheid op het randje van emotioneel lag. Op 20 dagen tijd zijn we heel wat te weten gekomen over hun cultuur en hebben we onze Spaanse vocabulaire echt al wel redelijk kunnen uitbreiden – het is niet gelogen dat de Cubanen niet te houden zijn eens ze merken dat je hun taal iets of wat verstaat. Laat dat dus een eerste tip zijn als je van plan bent om Cuba (en waarschijnlijk geldt dat in heel Latijns-Amerika) te gaan bezoeken; als je ervoor kan zorgen dat je je min of meer kan redden in het Spaans is dat echt een groot pluspunt dat het reizen op veel verschillende gebieden een pak comfortabeler maakt. Zo ervaren wij het althans.

HAVANA

Tot en met Trinidad vertelde Christophe al kort hoe we onze eerste dagen hier beleefd hebben. Laat ik bij deze gebruik maken van de gelegenheid om hetzelfde te doen voor de resterende 2 weken: 8 februari namen we samen met Celine en Baptiste een toeristisch treintje naar de Valle de los Ingenios, waarbij je een klein dorpje bezoekt, en nadien aan een oude suikerplantage in een lokaal restaurantje kan gaan eten. Op zich niet heel bijzonder, maar het treintje dat je door de prachtige landschappen vervoert is wel leuk.

In de namiddag namen we samen een taxi en zijn we tegen de avond aangekomen in Havana. We sliepen in een casa die opnieuw geregeld was door La China, de gastvrouw van de allereerste casa waar we verbleven in Varadero. Overbodig om te zeggen dat het weer ongelofelijk vriendelijke mensen waren. Desondanks hun gastvrijheid en het feit dat de casa zeer centraal gelegen was, viel het hier toch een heel klein beetje tegen. We sliepen precies letterlijk op de straat en deden bij gevolg geen van beiden een oog dicht. Daarbij kwam dan nog eens dat die nacht het befaamde Cubaanse darmprobleem bij mij de kop op stak en een gedeelde badkamer en kartonnen muren is op zo’n moment niet het meest comfortabele, ahum.. Zo komen we wel meteen bij de 2de tip: als je ooit last hebt van je darmen of maag – een shotje water met een lepeltje azijn en een half lepeltje suiker en je bent er in een wip vanaf! (Danku mama Soraya)

We besloten in elk geval om nu dus maar 2 nachten in Havana te blijven, zo konden we aftoetsen hoeveel dagen we hier op het einde nog zouden nodig hebben en hoe lang we dus in Viñales konden blijven. We gingen al een dagje op verkenning in Havana Vieja en kuierden er rond in de straatjes rond de 4 meest bekende pleinen; Plaza de Armas, Plaza Vieja, Plaza de la Catedral en Plaza de San Francisco… Eerlijk gezegd waren we allebei een beetje teleurgesteld in Havana. We hadden een kleine, gezellige en warme(re) stad verwacht, wat dus niet echt het geval is naar onze mening. Natuurlijk hadden we eigenlijk beter moeten weten, het blijft tenslotte een hoofdstad. Tegen de avond had het wondermiddeltje met azijn wel zijn werk gedaan en kon ik er weer helemaal tegen. We besloten een folieke te doen en zijn gaan eten in ‘La Guarida’ – tip 3 – een resto dat ik was tegengekomen op een blog en dat de moeite bleek te zijn. Niets is minder waar, alleen al het kader is om van omver te vallen! Het restaurant bevindt zich op de 3de verdieping van een vervallen huis waar de enige Cubaanse film werd opgenomen die ooit een Oscar won (Freis y Chocolate). Echt enorm gezellig, romantisch, lekker en dus zeker een aanrader! (Voorgerecht, hoofdgerecht en drank +- 80euro) Nog een verdieping hoger kan je ook iets drinken in de skybar, ook absoluut toe te voegen aan de to-do lijst!

VINALES

Op aanraden van Céline en Baptiste, een Belgisch koppel dat we ook in Trinidad ontmoetten, lieten we onze casa contact opnemen met een casa in Trinidad om zo hopelijk daar te kunnen logeren. Zonder voorschot is het voor deze mensen natuurlijk een risico om andere toeristen te weigeren en een kamer te reserveren. Daarom stuurden ze een vriend van hun naar Havana om ons op te pikken aan de casa en bij hun aan de casa af te zetten, voor dezelfde prijs die je betaalt om een bus te nemen en een taxi naar de bus en naar de casa etc. Goeie deal dus! En effectief, Chuchi, onze levenslustige taxi-chauffeur en dé man in Viñales (lees, zijn claxon maakt het geluid van een sirene en zo rijdt hij heel Viñales door, kusjes gooiend naar alle vrouwen die hetzelfde terug doen) bracht ons veilig en snel tot onze eindbestemming. Chuchi de taxi is dus zeker en vast tip nummer 4.

Meteen over naar tip nummer 5: Als je naar Cuba gaat moet je naar Viñales en als je naar Viñales gaat moet je naar Ottoniel & Rosy. Viñales omdat het een prachtig dorp is in de provincie Pinar del Rio en Ottoniel en Rosy omdat het een propere, goed gelegen casa is met het beste ontbijt en zaaaalige mensen!

Omdat wij het even rustig aan wilden doen, bleven we 6 dagen in Viñales. Die 6 dagen kregen we ook perfect gevuld, al heb je met 2-4 dagen normaal ook wel genoeg. Wij zijn er, net zoals vele anderen, gaan paardrijden in de valleien, waar we een tabak- en koffieplantage bezochten. We zijn na een dagje strand (Cayo Jutia) al fietsend (25km) grotten gaan bezoeken, we hebben uitgebreid Valentijn gevierd – want ja, in Cuba worden de vrouwen op deze dag eens goed in de bloemetjes gezet en ik dus ook! Naast Trinidad en Cienfuegos was Viñales echt wel een hoogtepunt, veel toeristen houden deze streek dan ook terecht als laatste bestemming in hun doorreis, om af te sluiten met een kers op de taart.

LAS TERRAZAS

Alvorens terug te keren naar Havana maakten we nog een tussenstop van 1 nacht in Las Terrazas, een klein dorpje dat op een duurzame manier probeert te ontwikkelen en zo ook het toerisme een boost wil geven. Het is hier vooral bekend voor de vele wandelingen die je hier kan maken en de verschillende vogelsoorten die je dan kan bewonderen. Wij lieten die vogels en bergen in de drukkende hitte die hier hangt even links liggen en besloten te genieten van de natuurlijk zwembaden/watervallen die je hier op 4km van het ‘centrum’ vindt. Ik denk dat we het er over eens zijn dat dit een onverwachte, zeer aangename verrassing was! De San Juan banos komen echt recht uit een boekje en toch hadden we dit pareltje het grootste deel van de tijd praktisch voor ons alleen. Zeker toe te voegen aan de to-do lijst dus, eventueel als daguitstap zonder overnachting.

HAVANA 2.0

(Christophe neemt het schrijven even over.)

Na al dat baden maakten we ons klaar om de 4km terug te wandelen naar de casa, om dan om 14:30 een taxi te nemen naar de bushalte, om dan om 16:00 de bus te pakken naar Havana waar we rond 18:00 zouden aankomen. Maar dit was buiten Chuchi gerekend, die had gehoord dat we vandaag naar Havana wilden vertrekken, en bijgevolg besloot “even” langs Las Terrazas te passeren om te zien of we een lift nodig hadden. Geen gewandel, geen bus, 4 uur gewonnen: Chuchi toch! We kwamen dus veel vroeger aan in Havana, waar het zonnetje deze keer wel scheen en we meteen een veel betere casa vonden (dankzij Rosy & Ottoniel). De eigenares was een beetje een gekke bomma, maar het was er erg rustig en het was centraal gelegen en proper. Een veel beter gevoel als vorige keer overviel ons meteen en we hadden echt zin in die 3 laatste dagen Havana!

We kregen in Las Terrazas de tip van een Chileense vrouw om in Havana de malecon af te wandelen, een “boulevard” van ongeveer 8km langs het water, waar de gevels van de oude gebouwen afgeleefd zijn door het zout van het water. Zeer cool beeld, en het prachtige licht van de ondergaande zon maakte het alleen maar mooier. Vissers, peanutverkopers, verliefde (lees: muilende) koppeltjes, en natuurlijk de klassieke Amerikaanse dikke bakken… Heerlijk! ‘S avonds verplaatsten we ons naar Ambos Mundos, beter gekend als Hotel Hemingway om een lekkere cocktail te drinken op hun skybar. Bij het buitenkomen werden we door 2 iets oudere mannen aangesproken die promotie maakten voor een uniek concert met allemaal oudere leden van Buena Vista Social Club. Er zouden mensen salsa dansen en wij, de lucky bastards die we zijn, mochten nog plaatsnemen aan de laatste beschikbare tafel. En dit voor slechts 30 euro per persoon! Na veel gebabbel lieten we ons dan maar overtuigen om een ticket te gaan kopen in de ticket office (geloof me: het leek niet zo obvious toen). We hadden nog net een dik uur de tijd om te gaan eten in het restaurantje Chefs Ivan Justo waar we hadden gereserveerd. Lekker gegeten maar niet goedkoop. Nadien kwamen we dan aan bij het concert waar we inderdaad een tafeltje toegewezen kregen, naast 400 klappende toeristen op relatief mooie Cubaanse muziek. Niets authentiek, niets gesalsadans, crap. We nuttigden onze 3 inclusieve drankjes met een spelletje Uno, en vertrokken naar onze casa. Deze zal je dus onderaan niet snel bij onze tips terugvinden.

De dag nadien besloten we om wat meer het westen van de stad te verkennen. We sliepen namelijk in Barrio Chino (chinatown), 2 carteras (blokken) van het capitool, wat enorm centraal gelegen is. We brachten een bezoekje aan de prachtige universiteit van Havana. Woaw! Hier had ik ook wel willen studeren! Nadien stapten we verder naar de Plaza De La Revolucion, een gigantisch plein waar de beroemde silhouetten van Che en Fidel tegen de façades van 2 ministeries hangen en waar zich alsook het José Marti memorial monument bevindt, een toren van 109m hoog met een standbeeld van 18m hoog ervoor. Redelijk indrukwekkend! Nadien namen we een taxi terug naar Havana Vieja waarna we per toeval op een dakterrasje terecht zijn gekomen om te lunchen. De neef van Camille, Sam, zat die week toevallig ook in Havana. Sam werkt voor School At Sea: een concept waarbij een 30-tal jongeren tussen 15-16 jaar gedurende 6 maanden van Amsterdam naar midden Amerika zeilen op een prachtige oude 3 master. Op de boot krijgen de studenten alle lessen die ze normaal in Nederland ook krijgen, maar daarnaast leren ze ook een woordje Spaans en natuurlijk ook het reilen en zeilen (ooowwww) van het leven op de boot. Gezien de studenten een weekje op eigen reis waren werden we uitgenodigd om ‘s avonds mee op de boot de komen eten. Kapitein Martin maakte hamburgers met frietjes. Yum!

De voorlaatste dag hebben we rustig aan gedaan. Even naar een hotel om wat te internetten en nadien super gezellig gaan lunchen en blijven hangen in een prachtig zaakje, recht achter het capitool: Sia Kara cafe. Na enkele uurtjes UNO spelen, hebben we de bus naar de overkant van Havana genomen, waar we het Castillo De Los Tres Reyes Del Morro alsook de Fortaleza de San Carlos wilden bezoeken. We werden echter verrast door de lokale Sinksenfoor van Havana, waardoor het niet mogelijk was om de fortaleza te bezoeken en de Castillo volledig was ingepalmd door marktkraampjes. Ach, het was eens iets anders! Op het dak van de Castillo namen we even de tijd om te genieten van het prachtige uitzicht op Havana aan de overkant, om dan rustig terug te keren. Eens terug aan de overkant kwamen we terecht in La Farmacia, een gezellig cocktailbarretje waar ik Camille onder tafel speelde met UNO. Muahahaha! Om Camille haar verliezershumeur en de sfeer terug wat gezellig te maken besloten we om iets lekkers te gaan eten en alweer zeer toevallig botsten we op een gezellig Italiaans restaurantje (5 esquinas) waar we een heerlijke pasta verorberden.

Conclusie

In een paar woorden: Cuba is enorm aan’t evolueren. Vanaf 1997 werden de Cubanen aangemoedigd om zelfstandige te worden, in plaats van in dienstverband te werken. Zo schoten er kleine kapperszaakjes, garagisten, groenteboeren,… als paddestoelen uit de grond, soms in de voorkamer van hun huis, wat grappige taferelen als gevolg heeft. We vroegen ons ook af hoe het kwam dat soms hele families bij elkaar woonden. Dit komt omdat het pas sinds 2011 is dat mensen huizen mogen (ver)kopen, en dus vaak heelder families nog gewoon bij elkaar wonen. Het is een land met een prachtige solidariteit tussen de mensen, een warm onthaal naar toeristen toe, overal prachtige scènes om foto’s van te trekken (zowel mensen, als architectuur, als natuur)… Met andere woorden: het is een absolute aanrader.

Het is ook mooi te zien dat hier nog niet dezelfde consumptie maatschappij heerst als bij ons. Als er iets kapot is, kopen ze niet meteen iets nieuw maar gaan ze naar de lokale klusjesman/alleshersteller/elektronicazaak die hun toestel even bekijkt en herstelt (handig gebruik van gemaakt toen onze stopcontactconverter stuk was). Daarnaast vinden wij het vaak ook vanzelfsprekend dat in een supermarkt bijna ALLES, ALTIJD voorradig is. Wat op zich absurd is, als je er bij nadenkt. In Cuba is dit niet het geval. Mensen doen de deur open, vragen of er kip is vandaag, en als dat niet het geval is, komen ze de volgende dag terug.

Hou er wel wat rekening mee dat het niet goedkoop is… Een nachtje in een casa kost je gemiddeld tussen 25 en 35 CUC (1 CUC = ± 1 EURO). Eten in de casa kost tussen de 8 en 15 CUC naargelang het gerecht. Een taxi kost je rap tussen 3 – 15 CUC in de stad en evolueert rap naar 25 – 40 als je een iets langere afstand wil reizen.

Wij kozen ervoor om dit als eerste land te doen van onze reis, omdat iedereen ons zei dat het zo snel is aan’t evolueren. Ook al kunnen we niet vergelijken met 5 jaar terug, lijkt het ons inderdaad correct. De klassieke oude wagens worden sneller door Chinese Geely’s vervangen, hotels worden vernieuwd, restaurantjes krijgen duidelijk invloed van het buitenland,… Het hangt er vanaf wat je belangrijk vindt, maar wij wilden Cuba zo authentiek mogelijk zien, en dat betekent: ASAP!

Tot ziens prachtig land, tot ziens dikke auto’s, tot ziens warme mensen, tot ziens gekke bomma. Het gaat je goed. Maar nu: Nicaragua.

Hieronder nog een lijstje met wat tips:

Varadero

Slapen:

  • La China: wij hadden op voorhand onze kamer gereserveerd in deze casa en werden er super vriendelijk ontvangen. Daarna heeft ze ook zo goed als alle andere casas voor ons geregeld. (casalachina@gmail.com, Calle 26 no 213, esquina 2da y 3era avenida) Als je hier zou logeren, vraag dan aub achter mijn T-shirt die ik daar vergeten ben 😔

Eten en drinken:

  • De beste optie lijkt ons in de Casa eten… De porties zijn groter en het is goedkoper…

To do:

  • Bakken op strand!

Cienfuegos

Slapen:

  • Mabel y Lazaro: heel verzorgde kamer in een super mooi, authentiek huis. Lekker eten, veel eten en vriendelijke mensen. (Lazarovs@nauta.cu, Ave 52 no 4311, esquina 43 y 45)

Eten en drinken:

  • Eten kan je best in de casa doen. Het is goedkoper, vaak lekkerder dan op restaurant en je hebt ook gewoon niet heel veel andere opties in Cienfuegos.
  • Waar je zeker moet passeren is een barretje aan het water, waar je super lekker brochettes kan eten! Ze spelen er ook live muziek, ze hebben lekkere biertjes en er wordt gedanst. De naam weten we niet, maar je moet van Plaza de Armas 5 blokken zuidelijk lopen, richting het water. Het bevindt zich in de Santa Isabel straat.
  • Boven op het dakterras van Palacio de Valle moet je zeker met zonsondergang iets drinken.

To do:

  • De malecon afwandelen (of een bicitaxi nemen) naar de Punte en daar dan iets drinken op het dakterras van Palacio de Valle.
  • Verdwalen in de prachtige straatjes met huizen in enorm veel verschillende kleuren

Trinidad

Slapen:

  • El Teide: heel mooie, verzorgde, grote kamers (contacto@hostalteidetrinidad.com)

Eten en drinken:

  • Giroud: vooral heel gezellig
  • 1514: romantisch, iets duurder en iets chiquer, heel gezellig
  • ‘s avonds iets gaan drinken op de trappen aan de Plaza Mayor

To do:

  • Verdwalen in de straatjes net buiten het centrum, daar zie je echt hoe de locals leven
  • Playa Ancón: zalig dagje relaxen op het strand! Wij deden dit met de fiets, zeker een aanrader (12km enkel)
  • Trein naar Valle de los ingenios: it’s not the destination that counts, but the journey 😉

Viñales

Slapen:

  • Moest het nog niet duidelijk zijn: Ottoniel & Rosy zijn toppers! (0053 48796428, rogerl@nauta.cu of osviel@forestales.co.cu)
  • Viñales biedt belachelijk veel casas aan… Je vindt heus wel wat!

Eten en drinken:

  • El Olivo: Lekker italiaantje!
  • De naam vinden we niet direct, maar er staat in het groot op de gevel ‘eco & vegetariër’: speciale vegetarische gerechtjes en de allerlekkerste sapjes
  • Paladar La Cuenca: redelijk modern en lekker

To do:

  • Paardrijden: zalige tocht door de vallei in combinatie met een bezoek aan een tabaksplantage en koffieplantage
  • Fietsen huren: wij bezochten zo de Mural en La cueva del indio
  • Cayo Jutia: ideaal om een dagje te relaxen op het strand (Not to do: Cayo Levisa, tenzij je bereid bent 35 euro per persoon te betalen om op een wel heel winderig strand te liggen en te genieten van een niet zo’n fantastisch buffet)

Las Terrasas

Slapen:

  • Wij verbleven in een van de weinige (1 of 2) casas van Las Terrazas.

Eten en drinken:

Het is een relatief klein dorpje dus veel opties zijn hier niet om te eten..

  • El Romero: Vegetarisch – zelfde kaart als in Viñales
  • Las Mercedes: Oprecht lekker stoofpotje gegeten!

To do:

  • Baños del San Juan
  • Als je graag wandelt is dit een prachtige plek! (gekend voor birdspotting)

Havana

Slapen:

In Havana heb je hotels en casas met hopen. Wij logeerden op het einde bij Señora Teodora, een grappige oudere vrouw die zeker haar mannetje kan staan en het huis goed bewaakt. Geen overbodige luxe, maar 3 verzorgde en rustige kamers (niet zo evident om dit te vinden in Havana) met gedeelde badkamer en goed gelegen in het centrum van Havana Vieja.

Eten en drinken:

  • 5 esquinas trattoria: Italiaans restaurantje op de hoek van een mega gezellig straatje, dichtbij museo de la revolucion dus centraal gelegen in Havana Vieja. (Habana 104 esq, www.5esquinastratoria.com)
  • La farmacia: leuke bar/restaurant in gezellig straatje (vlakbij 5 esquinas)
  • Siá kará café: super gezellig modern barretje, lekkere koffie, lekker eten, vriendelijke bediening, … Vlakbij capitool, dus ook heel centraal. Wij zijn hier gaan lunchen en zijn er zo wat heel de namiddag blijven plakken. (Calle Industria no. 502, esquina calle Barcelona.)
  • La guarida: Absolute aanrader als je even buiten budget kan gaan! Wel zeker reserveren. Super mooi kader, romantisch en heel lekker eten. Iets duurder wel (+- 80euro voor voorgerecht, hoofdgerecht en drank) (Concordia no. 418 esquina Gervasio y Escobar, Centro Habana)
  • Ivan justo: Overdag even langsgaan om te reserveren, anders heb je waarschijnlijk geen plek meer. Gezellig gelegen op de eerste verdieping, lekker eten en centraal gelegen. (Aguacate 9, esquina a chacon)
  • Reliquia: tof westers barretje (San Ignacio no 260, esquina Amargura)
  • Paladar, Somos Cuba: gezellig en goedkoop dineren in een onofficieel restaurant bij mensen thuis. (San Ignacio no 202)
  • Rooftops: Hemingway hotel – apero, boven La Guarida – apero of later op de avond , Hotel Raquel – lunch of iets drinken door de dag

To do:

  • Wandelen tussen de bekendste pleinen
  • De malecon afwandelen
  • De universiteit bezoeken
  • Verdwalen in de straatjes, niet enkel in Havana vieja, maar ook in de andere buurten
  • Wij zijn absoluut geen fans van musea, maar het museum van schonen kunsten was wel de moeite (de anderen hebben we niet gedaan maar zouden ook wel de moeite zijn)
  • Het fort aan de overkant bezoeken (en 1 peso betalen op de bus voor 2 personen! = 0,04 eurocent)